Volledig scherm
Drunenaar Yoïn van Spijk (25) onderzocht het dialect in de Langstraat. © Marie-Thérèse Kierkels/Beeld Werkt

‘Alles wat overblijft van dialect is de zachte g’

DRUNEN - Yoïn van Spijk uit Drunen onderzocht dialect in de Langstraat. ‘Wat resteert zijn woordjes als ochèrum en weljat.' Het ‘t geregend, heei ‘t geregend of hig ‘t nou geregend? Voor de Standaardnederlandse zin ‘heeft het geregend?’ bestaan tig Brabantse dialectvormen.

Drunenaar Yoïn van Spijk (25) dook erin en schreef een afstudeerscriptie over de veranderingen in het dialect in de Langstraat in de afgelopen honderd jaar.

Streektaal
"Ik wilde vooral onderzoeken hoe de streektaal zich de laatste decennia heeft ontwikkeld", vertelt hij. "Het blijkt dat het dialect in de Langstraat steeds dichter tegen het gewone Nederlands aan is gaan zitten. Vroeger zei men ‘gij kwaamt’, sprekers van nu hebben er de t afgehaald en zeggen ‘gij kwaam’. Zo schuift alles op richting Nederlands."

Verzonnen
Zijn eigen voornaam is alvast geen dialect. "Gewoon verzonnen", zegt Yoïn. Maar zijn interesse in taal ontstond al op jonge leeftijd. "Toen ik een jaar of twaalf was, logeerde ik vaak bij mijn opa en oma in Drunen. Zij spraken een heel andere taal dan ik thuis hoorde of op school."

Lees zaterdag 7 mei in het Brabants Dagblad, editie Langstraat, een uitgebreid interview met Van Spijk over de dialecten in de Langstraat.

Waalwijk, Heusden e.o.