article
1.6457531
Do 29 sept: Liefdes die opbloeien, hoe mensen samen lachen, dansen, uit hun dak gaan. Vanachter de draaitafel beziet Jeroen Opstelten (38) de dansvloer van Club Smederij.
Stadsportret: Ben Penn, dromerige dj van soul en seks 'in het diepe zuiden'
Do 29 sept: Liefdes die opbloeien, hoe mensen samen lachen, dansen, uit hun dak gaan. Vanachter de draaitafel beziet Jeroen Opstelten (38) de dansvloer van Club Smederij.
http://www.bd.nl/opinie/blogs/stadsgezicht/stadsportret-ben-penn-dromerige-dj-van-soul-en-seks-in-het-diepe-zuiden-1.6457531
2016-09-29T08:31:00+0000
http://www.bd.nl/polopoly_fs/1.6458716.1475069209!image/image-6458716.jpg
Tilburg,Stadsgezicht Tilburg
Stadsgezicht
Home / Opinie / Blogs / Stadsgezicht / Stadsportret: Ben Penn, dromerige dj van soul en seks 'in het diepe zuiden'

Stadsportret: Ben Penn, dromerige dj van soul en seks 'in het diepe zuiden'

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Jeroen Opstelten alias Ben Penn op de Vijfsprong. "Tilburg is één grote takkenzooi." Foto Jan van Eijndhoven
    Do 29 sept: Liefdes die opbloeien, hoe mensen samen lachen, dansen, uit hun dak gaan. Vanachter de draaitafel beziet Jeroen Opstelten (38) de dansvloer van Club Smederij.
    Duitse porno? Echt?! Dat is een Adidas-pak.

    door Bas Vermeer

    ‘Jongens, moet je dit eens horen’, denkt hij als ‘ie een track opzet. „Dan knalt dat door een zaal met 500 man en iedereen reageert er op. Dan weet ik niet meer waar ik het moet zoeken. Dat is iets spiritueels. “

    Muziek brokkelt het rationele af, doet de ‘ik’ verdwijnen, vertelt hij. “Die mensen staan daar op de dansvloer, te reageren op geluid. Eigenlijk net zo primitief als het ooit was, toen mensen rond een trommel in een grot zaten. Muziek brengt mensen samen.”

    Opstelten werd bekend van het duo Leonard & Jeroen. Abstracte performances met zwarte humor die het tweetal naar Hamburg, Parijs of een expositie in Canada voerden.

    Sinds vier jaar richt hij zich uitsluitend op het produceren van muziek, dj’en - onder de naam Ben Penn - en het organiseren van feesten. Zoals het specialistische feest Cabrio in de 013, het obscure BOEIE in partyboot De Albatros en De Gin Gin in Club Smederij. Een clubavond waar met lof over wordt gesproken in ‘nachtelijk Tilburg’.

    Morgen start het vierde seizoen van De Gin Gin. Wanneer kwam het besef dat je iets succesvols te pakken had?
    „Pas tijdens de seizoensafsluiter voor de zomer dacht ik ‘nu zijn we er’. Het leeft in de stad, er stond iets van 600 man binnen.
    Ik haal dj’s uit de Randstad, laat ze kennismaken met Tilburg. En vervolgens lullen ze thuis weer door dat het zo’n leuk feest is.”

    Hij lacht: „Het is één grote speeltuin.” Op het eind van de avond staan bezoekers vaak met metershoge planten door de zaal te dansen. En ja, die worden nogal eens gejat. „Als dat gebeurt, is het zéker een goed feestje. Maar misschien moet je dat niet opschrijven.”

    In Theater De NWE Vorst werd de kiem voor De Gin Gin gelegd. Lange tijd regelde Opstelten alles zelf: van vrijwilligers, techniek tot aan de bewaking. „Heel de dag opbouwen, zelf draaien, afbreken en dan ‘s ochtends om acht uur thuis komen. Dan geld tellen en nog meer afhandelen. Alles tot in de details. Het was helemaal niet meer leuk...”

    Hij liet zich slopen, uit liefde voor de muziek. De missie: een ontbrekende niche toevoegen aan de stad. „Eerst oude zwarte muziek. Maar het werd steeds breder: met disco, afro, oude house, hip hop en de meer obscure zaken. Er moet seks en soul in de muziek zitten. Ik verdiende er niets mee, vroeg twee piek aan de deur. Meer kan ook niet, het is een niche: dan moet je eerst het publiek de kans geven om het te ontdekken.”

    Het publiek weet De Gin Gin nu te vinden in de donkere, industriële Spoorzone. Door de samenwerking met Mundial is er minder regelwerk. En er zijn banden met andere steden geslagen: met Disco Dolly en Canvas bijvoorbeeld, de club in het oude Volkskrant-gebouw te Amsterdam. Uitwisseling van talent, ideeën. En, niet onbelangrijk, laten zien wat het ‘diepe zuiden’ te bieden heeft.

    Tilburg zit de laatste jaren in de lift, vertelt Opstelten. „We hebben een erbarmelijk slechte periode achter de rug. Deze stad had ooit De Voortuin, een geweldige jazztent, maar ook de Batcave, De Spoel en Noorderligt. Toen kwam het kutidee om alles te fuseren in de 013. Maar dat is lang geleden hé. Niet dat een Poppodium een slechte zaak is, maar al die tenten hadden een eigen karakter.”

    Hij ziet hoe er steeds meer festivals ontstaan. „Niet altijd mijn ding, maar ze zorgen voor diversiteit in de stad. Dat is het allerbelangrijkste.”

    Zijn we er al?
    „Nee. De gemeente moet zich minder burgerlijk opstellen. Fuck die sluitingstijden. Ik heb geen mogelijkheid om mensen buiten de stad naar hier te trekken, nu er geen nachtnet meer is. Met de programmeur van 013 had ik het idee om iedereen na het feestje te laten slapen in de zaal. Nachtmutsje en dan pitten op matrassen. Lijkt me geweldig, al zal het qua vergunningen waarschijnlijk niet mogen.”

    Opstelten - ook wel eens aangemerkt als de onofficiële nachtburgemeester van de stad - praat net zo lief over de stad bij dag. „Tilburg is zó divers qua uiterlijk en sfeer. Op het ene punt waan je je in Parijs, dan weer in het Duitse Ruhrgebied of - te Moerenburg - op het platteland. Het is gewoon nooit van ‘oh ja, nu ken ik het wel’. Het is één grote takkenzooi en dat maakt de stad zo interessant.”

    Takkenzooi?
    Hij neemt het Willemsplein als voorbeeld. „Ga daar staan en kijk om je heen. Je ziet een wit kasteel met daar een zwarte vierkante betonnen doos tegenaan geplakt. Dan zie je een kerk. Dan de Schouwburgpromenade, het klooster, de schouwburg, de concertzaal, de rechtbank. En dan zie je de fokking Katterug. Dat weerspiegelt helemaal gewoon wat het is in deze stad. Van een wit kasteel naar een Katterug. Dat vind ik gewoon zo tof. Dat zie je nergens.”

    Hij woonde vier jaar in Amsterdam in de tijd dat hij aan de Rietveld Academie studeerde. Opstelten trok het niet: de massa’s en de ego’s in ‘die verwende stad’. De dj houdt er ook niet van als Tilburg met andere steden wordt vergeleken. „Trekt zo’n wethouder parallellen tussen de Piushaven en de Rotterdamse haven. Kap daar nou eens mee, wees origineel! Tilburg bestaat in de luwte, niemand kijkt naar ons. Een luxepositie: de stad leent zich goed om te klooien. Tilburg moet klooistad nummer één worden van Nederland. Dat is het eigenlijk al een beetje.”

    Ho even, je kunt niet tegen massa’s? En de feestjes dan?
    „Bij De Gin Gin heb ik iets te doen, dan moet ik draaien of heb ik iets om handen.” Even later, lachend: „Heel dom eigenlijk. Hard geluid kan ik ook niet goed hebben.”

    Hij wil De Gin Gin laten groeien, maar er ligt meer in het verschiet. Over een paar maanden komt de eerste ep onder de naam Ben Penn uit, op het label Safe Trip van Young Marco. „ Heel spannend.” Opstelten wil twee ep’s maken, dan een album en dat weer vertalen naar een live band met muzikanten. „Al moet ik dat misschien nog niet vertellen. Maar ik hoop dat daar de toekomst ligt: optreden met die band en dj’en. En dan doorbreken, het liefst internationaal.”

    Toen kunstenaar, nu dj. Voor iemand die niet zo van de grote ego’s is...
    „Van sterrenbeeld ben ik een leeuw, 100 procent. Ik doseer mijn ego. Ik weet wanneer het gepast is om mijn trots in de etalage te zetten of juist in de kelder op te bergen. Als ik optreed mag ik even lekker mijn ego laten stralen. Bij nieuwe mensen hou ik me bakkes dicht, pas ik me aan.”

    Nooit naast je schoenen gelopen?
    „Dat heb ik heel even gehad, maar daar ben ik heel snel mee gestopt. Veel mensen denken wel dat ik arrogant ben. Ik heb hangende ogen, veel ooglid, waardoor ik hautain uit mijn kop kan kijken.”

    Hij schiet in de lach: „Daar kan ik niks aan doen, echt niet. Dat is gewoon de bouw van mijn gezicht.”

    Van dat arrogante dacht ik in het begin ook. Of eerder: het lijkt soms net alsof je op een andere planeet zit...
    „Ik ben een dromer, altijd weg, nooit hier. Ik ben ook rustig. En als een rustig iemand met hangende ogen ergens gaat staan..” Hij staat op, doet het voor: „Dan is dat intimiderend. Ik ben wel heel stellig hoor, maar dat is vanuit een passie. Als je een idee ontwikkelt, moet je niet allemaal concessies doen. Het moet krachtig en sterk zijn.”

    En zit er ook verschil tussen Ben Penn en Jeroen Opstelten? Je kleedt je retro - ‘Duitse jaren ‘70 porno’ - volgens een vriendin van me. Dat witte trainingspak bijvoorbeeld...
    „Duitse porno? Echt?! Dat is een Adidas-pak. Ik vind het superleuk om met contrasten te spelen. Het verschil tussen voorkant - het ego en artiest zijn - en de achterkant - egoloos, niet-artiest zijn. Daar zit zo’n groot verschil tussen. Ik ben echt een mietje, een jankerd, een moederskindje. Superkwetsbaar. Ik heb twee burn-outs gehad, trek hard geluid en grote mensengroepen niet en mijn hart breekt om de haverklap. Maar heel die achterkant zit achter de façade. Vergeet niet dat iedereen dat doet. Ben Penn is geen typetje, dat ben ik óók. Ik licht een kant van mezelf uit die ik vind passen bij het dj’en. Niemand is slechts één ding.

    Een dag na een optreden loop ik net zo goed met bergschoenen en een heuptas om door de Oisterwijkse bossen en vennen.”

    Een heuptas...
    „Daar zitten dan een banaan en flesje water in..."

    Na een pauze: "In de Leonard & Jeroen-tijd kwam er ook een facet van mezelf naar voren. Tot ik geen zin meer had om altijd als Jeroen van Leonard & Jeroen te worden gezien.” Hij peinst even: „Wie weet? Misschien licht ik over vijf jaar de vaderkant wel uit. Twee kinderen, een huis in de natuur.”

    Met een glimlach: „En dan hoort niemand ooit nog van me.”