article
1.6690552
OSS/UDEN - Met een uitgesproken column zorgde Jaap van der Doelen maandagavond voor hét moment tijdens een debat over lokale democratie in het gemeentehuis in Oss. Dinsdagavond draagt hij de column voor bij een soortgelijk debat van het Brabants Dagblad en de bibliotheek in Uden. De BD-columnist hield een vurig pleidooi voor het belang van vrijheid, gelijkheid en broederschap in een democratie. Zijn column is hier te lezen.
Column lokale democratie: 'Debat kan niet vurig genoeg zijn'
OSS/UDEN - Met een uitgesproken column zorgde Jaap van der Doelen maandagavond voor hét moment tijdens een debat over lokale democratie in het gemeentehuis in Oss. Dinsdagavond draagt hij de column voor bij een soortgelijk debat van het Brabants Dagblad en de bibliotheek in Uden. De BD-columnist hield een vurig pleidooi voor het belang van vrijheid, gelijkheid en broederschap in een democratie. Zijn column is hier te lezen.
http://www.bd.nl/regio/oss-uden-veghel-e-o/uden/column-lokale-democratie-debat-kan-niet-vurig-genoeg-zijn-1.6690552
2016-11-29T18:00:00+0000
http://www.bd.nl/polopoly_fs/1.6689613.1480396685!image/image-6689613.JPG
Oss,Uden,Krant,Media
Uden
Home / Regio / Oss, Uden, Veghel e.o. / Uden / Column lokale democratie: 'Debat kan niet vurig genoeg zijn'

Column lokale democratie: 'Debat kan niet vurig genoeg zijn'

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      BD-columnist Jaap van der Doelen spreekt zijn column uit.
      Fotograaf
    OSS/UDEN - Met een uitgesproken column zorgde Jaap van der Doelen maandagavond voor hét moment tijdens een debat over lokale democratie in het gemeentehuis in Oss. Dinsdagavond draagt hij de column voor bij een soortgelijk debat van het Brabants Dagblad en de bibliotheek in Uden. De BD-columnist hield een vurig pleidooi voor het belang van vrijheid, gelijkheid en broederschap in een democratie. Zijn column is hier te lezen.

    Vrijheid, gelijkheid, broederschap
    Vaak heb ik me afgevraagd, hoe het mij vergaan zou zijn als ik geleefd had in de Tweede Wereldoorlog. Want hoe vreselijk en gewelddadig ook, zulke wanstaltige tijden geven je wel een duidelijk wereldbeeld. Alle grijstinten vallen weg tegen de achtergrond van de strijd. Een strijd van twee kanten: goed en fout. Bij diverse boeken en verhalen dagdroomde ik heimelijk over mezelf als verzetsheld. Een bloedstollend spannend leven zou dat geweest zijn, waarin ik me vol passie in clandestiene acties stortte, in de zekerheid dat ik aan de goede kant stond. Het zou te ver gaan om te zeggen dat ik jaloers was op de spanning en morele helderheid die de oorlog hen bood - ook als kind begreep ik heus wel dat zulke tijden niet iets waren waarin je wenst te verzeilen - maar van een naïeve romantisering was zeker sprake.

    Inmiddels leven we met bijna heel de Westerse wereld in het Duitsland van de jaren ‘30, en is er van die romantisering niets meer over. ,,Oh, God, begint-ie de avond nou met de wet van Godwin?” denkt u wellicht - de wet die zegt dat als een discussie lang genoeg duurt, het onvermijdelijk over de Tweede Wereldoorlog gaat - waarop het antwoord is: ,,Ja, dan hebben we dat maar vast gehad.” Want het lijkt misschien overdreven, en we herhalen al 70 jaar in koor het mantra 'dit nooit meer', maar ondertussen hebben we een Amerikaanse president wiens staf openlijk pleit voor de mogelijkheid van interneringskampen voor miljoenen landgenoten, en de opsluiting van Amerikaanse Japanners tijdens de Tweede Wereldoorlog daarbij als precedent noemt. En in ons eigen land hebben we ondertussen een koploper in de peilingen die moslims in Nederland een aparte status voor de wet wil geven, hun gebedshuizen verbieden en sluiten wil en een verbod op hun heilige boek in wil stellen. Wil zoiets uit te voeren zijn, dan zal hij de politie van deur tot deur moeten sturen om uw boekenkast te controleren, zodat de staat zich ervan kan verzekeren dat u geen foute boeken heeft staan of naar de verkeerde God bidt.

    Vereerde leider
    Terwijl ik het uitspreek, klinkt het nog steeds als onmogelijk, overdreven toekomstbeeld. Zo ver zullen we het toch niet laten komen? Maar het is het toch echt het partijprogramma van wat misschien wel de grootste partij van ons land gaat worden. Een partij die bovendien geen leden kent om de standpunten en richting van de vereerde leider niet te vertroebelen. Die partij kan dan wel 'vrijheid' in de naam hebben, maar waar zij voor pleiten heeft daar bar weinig mee te maken. Ze vinden het zelf naar verluidt nogal belangrijk dingen bij de naam te noemen, dus laten we dit in dit geval ook maar doen: waar zij voor pleiten, is fascisme.

    Want de basisprincipes om democratie te laten slagen, werden tijdens de Franse revolutie kernachtig in drie woorden gevat: 'Liberté, egalité et fraternité' oftewel vrijheid, gelijkheid en broederschap. Democratie eist dat we daar boven al onze onderlinge verschillen in blijven geloven. In 1835 schreef de Fransman Alexis de Tocqueville al over dat geloof dat democratie vereist, in wat nog altijd als een standaardwerk over de toen nog nieuwerwetse staatsvorm gezien wordt; Democratie in Amerika. Daarin schreef hij dat ,,despotisme kan regeren zonder geloof daarin, maar vrijheid niet”.

    Tirannie van de meerderheid
    Voor een democratie hebben we de vrijheid nodig ideeën uit te wisselen zonder angst voor vervolging, de gelijkwaardigheid om daar allemaal aan deel te mogen nemen en de broederschap om ons ervan te verzekeren dat als een ander het niet met ons eens is, we dat niet direct als persoonlijke aanval opnemen. Democratie wordt ook wel eens een 'tirannie van de meerderheid' genoemd, maar wordt pas echt een tirannie als de minderheid zich niet meer tegenover die regerende meerderheid mag laten horen. Dat zou onze vrijheid beknellen, en de uitwisseling van ideeën vervolgens volledig doen stokken. Haal één van de drie termen vrijheid, gelijkheid en broederschap uit het Franse credo weg, en het hele systeem dondert als een kaartenhuis in elkaar.

    Wat rechts-extremistische populisten bieden is niet gebaseerd op een terugkeer naar de democratische kernwaarden, eerder het tegendeel. Niet langer zijn we verenigd door het geloof dat democratische waarden essentieel zijn. Een aanzienlijk deel van onze samenleving wordt in plaats daarvan verenigd in angst voor een ‘ander’: Polen, Syriërs, Moslims, negers, Joden, homo’s, mensen die ‘ons’ goede leven komen veranderen, of af willen pakken. Alsof de waarden waarvan we ooit dachten dat ze universeel hoorden en misschien ooit zouden zijn, nu ineens enkel geschikt zijn voor bepaalde bevolkingsgroepen. Om onze waarden te beschermen tegen hen die ze niet zouden delen, is de vrijheid van de pers, van meningsuiting en onze gelijkwaardigheid, ongeacht ras, geloof of seksuele voorkeur, ineens van ondergeschikt belang. Maar als we zulke pijlers van onze maatschappij zelf al inleveren, wat blijft er dan precies over om te beschermen?

    Onguur vaarwater
    Een sterke, onafhankelijke pers bijvoorbeeld, is nodig als controlerend orgaan. Zonder dat kan een democratie niet functioneren. Een pers die zowel rechtse schreeuwers als linkse fantasten durft te corrigeren wanneer ze hun boekje te buiten gaan, en het publiek over hun woorden en daden informeert. Maar we kunnen het niet enkel van de pers af laten hangen. Het ongure vaarwater waar de democratie nu doorheen moet, eist van ons allemaal een actievere houding.

    Social media onthouden iedere klik die er gedaan wordt, en bouwen daarmee een steeds uitgebreider gebruikersprofiel op. Dat profiel gebruiken ze om ieders nieuwsstroom op zijn of haar vermeende voorkeuren aan te passen. Daardoor worden we bij elke keer inloggen meer en meer bevestigd in ons eigen gelijk. In die stroom kan iedereen bovendien vrij publiceren - wat in principe heel democratisch lijkt - maar wanneer neppe nieuwsberichten zonder enige feitelijke basis, hetzelfde gewicht krijgen als stevig onderzochte, onderbouwde en journalistiek verantwoorde verhalen, beschadigen zij de controlerende kracht van de pers, en daarmee uiteindelijk de democratie. We moeten daarom zelf actiever het onderscheid maken tussen valide en invalide bronnen maken, want een op advertentie-dollars gericht algoritme zal het niet voor ons doen.

    Onverschilligheid
    Eens in de vier jaar stemmen en er daarna niet meer naar omkijken is voor geen enkele burger nog een optie. Er zijn die politici die weinig op hebben met onze democratische vrijheden, maar het grootste gevaar is de stille meerderheid die daar zijn schouders bij ophaalt. Die onverschilligheid kunnen we ons namelijk niet langer permitteren. Willen we onze vrijheid, gelijkheid en broederschap behouden, dan zullen we onze democratische rechten actief moeten opeisen en omarmen. De democratie heeft namelijk de middelen in zich om zichzelf op te heffen, maar levert ons tegelijk de beste middelen haar te beschermen. Het debat kan dan ook niet vurig genoeg zijn, zolang iedereen boven alles zijn geloof in die noodzakelijke kernwaarden blijft delen: vrijheid, gelijkheid en broederschap.

    Want ,,despotisme kan regeren zonder geloof daarin, maar vrijheid niet.”