Volledig scherm
Type 1: de dictator. © dreamstime/Jrcasas

Welk type baas heb jij? (en hoe ga je daarmee om?)

500.000 managersNederland telt zo’n 500.000 managers. Dat lijken er misschien veel, maar eigenlijk zijn ze terug te brengen tot vier typen. Wat voor baas heb jij? En misschien nog wel belangrijker, hoe ga je ermee om?

1. De dictator / bevelhebber

In oorlogstijd is de dictator eenvoudig te herkennen; dan draagt hij een uniform en is niet zelden generaal. Op een gemiddelde werkvloer anno 2017 is de bevelhebber vooral te traceren via zijn (ja, de dictator is meestal een man) gedrag: zoals de typering al doet vermoeden, duldt de dictator geen tegenspraak.

Heb je als werknemer binnen de afdeling ook een mening? Boeien, die ventileer je maar lekker thuis, vindt deze directe, autoritaire leidinggevende. Het is dan ook eenvoudig om een karikatuur van de dictator te maken, maar dat is te makkelijk. Ward Grootens schrijft in zijn boek Het recht op een baas dat de meeste hedendaagse bedrijven en organisaties juist zwalken of naar de gallemiezen gaan door een gebrek aan daadkracht en moderne ‘zoek-het-uit-maar-uit-managers’ (zie nr 4). Hij houdt een hartstochtelijk pleidooi voor een ‘echte baas’ en ‘ouderwets leidinggeven’. En dat moet je de dictator nageven: dat kan-ie, met duidelijke instructies, ook als het binnen het bedrijf alle hens aan dek is. En dat kan voor werknemers weer best geruststellend zijn.

Hoe ga je ermee om?

 Doe vooral wat de dictator vraagt, zorg dat jouw resultaten op orde zijn.

 Wees zelf ook direct en stel korte, duidelijke vragen als je niet helemaal helder hebt wat zijn bedoeling is.

 Ben je een creatief type met een sterke eigen mening? Oriënteer je dan op je volgende baan: zelfstandig denkende mensen houden het onder een dictator niet lang vol. Of worden doodongelukkig.

Volledig scherm
Type 2: de visionair. © dreamstime/Jrcasas

2. De visionair

Zet bij voorkeur ‘stippen op de horizon’. Droomt groots en meeslepend, kan prachtig vertellen en wil graag sparren met zijn medewerkers over nieuwe kansen, langetermijnplanningen en nog te ontginnen markten. Dat kan op de werkvloer al snel tot een fijne, inspirerende werksfeer leiden, want die stip op de horizon is natuurlijk een soort verlanglijstje vol met lekkers.

Uiteraard heeft de visionair ook een keerzijde. De belangrijkste daarvan laat zich makkelijk omschrijven: het werk van vandaag, want daarmee wil de visionair zich liever niet mee laten vermoeien. Zo kan de visionair een belangrijke offerte die vandaag de deur uit moest vergeten, ziet hij die belangrijke afspraak met die nieuwe klant over het hoofd of zit hij bij het dagelijkse werkoverleg binnen 5 minuten te knikkebollen.

Nog een gevaar: als de visionair toekomstplannen ontvouwt die mijlenver afstaan van waar het personeel in gelooft, wordt deze dromer niet zelden door zijn mensen weggezet als Gekke Henkie.

Hoe ga je ermee om?

• Ga - met mate - mee in de sfeer van vergezichten, van glanzende toekomstvisies, dat geeft jou en je collega’s veel energie op de werkvloer.

• ,,Vul de visionair aan”, schrijft de Amerikaanse psycholoog en schrijver Daniel Goleman, ,,door je leidinggevende zijn doel concreet te laten maken.’’ Inclusief een helder paadje op weg naar die stip op de horizon.

• Probeer in je team, naast een strenge managementassistent, een rechterhand voor je leidinggevende te vinden die vooral kordaat optreedt, het normale werkproces goed in de smiezen heeft en gezegend is met een ‘geen-gezeik-het-moet-vandaag-af-mentaliteit’.

Volledig scherm
Type 3: de verbinder. © dreamstime/Jrcasas

3. De coach/verbinder

Wordt met een vies woord ook wel ‘mensenmens’ genoemd. De coach kan zichzelf wegcijferen en vindt het heerlijk om zijn werknemers te laten groeien. Hij prikkelt op een positieve manier, motiveert en geeft zijn medewerkers vertrouwen. Deze ‘baas’ is eigenlijk geen baas, maar een empathisch persoon die volop oog voor de emotionele behoeftes van zijn personeel: onder werktijd naar de kapper? Tuurlijk. Een dagje vrij omdat je hond zo akelig hoest? Geen probleem!

De coach/verbinder zoekt altijd connecties en is uit op harmonie. Neemt de besluiten bij voorkeur volgens de democratische route: pas als er consensus is bereikt, gaat het plan door. Keerzijde: de coach vergeet zichzelf in alle pogingen om anderen te laten excelleren. En loopt zichzelf voorbij. Ander gevaar: in de pogingen om iedereen tevreden te stellen, sneuvelen de wildste ideeën en resteren vaak de matige, heel gemiddelde ideeën.

Hoe ga je ermee om?

 Voor de meeste medewerkers is het heerlijk, zo’n leidinggevende die het beste uit jou wilt halen en die oog heeft voor jouw behoeftes. Prijs jezelf dus vooral gelukkig.

 In een sfeer van vertrouwen kun je eerlijk zeggen wat je denkt en wilt.

 Kan een tikkeltje vermoeiend zijn. Niet alle werknemers zitten te wachten op ‘persoonlijke groei’ en ‘een leven lang leren’: ze willen gewoon om vijf uur naar huis. Dus als je een type bent dat het liefst van 9 tot 5 stenen sjouwt van A naar B en verder geen gezeur, dan gaat dat botsen met de coach.

 Een coachende baas die uiterst begripvol is voor alle medewerkers, wil iedereen tevreden houden. Dat lukt nooit, en dus kan de ‘verliezende’ minderheid alsnog zeer ontevreden zijn.

Volledig scherm
Type 4: de laat-maar-waaien-baas. © dreamstime/Jrcasas

4. De laat-maar-waaien-baas

Groot van vertrouwen, klein in daadkracht: de laat-maar-waaien manager denkt dat zijn personeel mans genoeg is om de tent te runnen. Managers die supporter zijn van ‘laisser faire’ geven dus veel vrijheid aan werknemers en laten de dagelijkse gang op zijn beloop. In het rotsvaste vertrouwen dat het allemaal goed komt en er in elk team medewerkers als ‘natuurlijk leider’ opstaan en zorgen dat het allemaal goed komt. Het woord ‘zelfsturing’ ligt hier op de loer; reden te meer om je hardop af te vragen wat de toegevoegde waarde is van zo’n baas. Werken onder een ‘kampioen loslaten’ lijkt misschien zeer relaxed, maar dat is beslist niet het hele verhaal, schrijft Frank van Marwijk in ‘Manipuleren op je werk’ over de laissez-faire methode: ,,Je laat niet blijken dat het je interesseert wat je medewerkers doen.’’ En ook niet onbelangrijk: de laat-maar-waaien-manager toont niet zelden een schrijnend gebrek aan daadkracht (zie ook nr 1).

Deze leidinggevende kan overigens prima functioneren in een ingespeeld team dat dondersgoed weet wat er allemaal nodig is. Het wordt pas spannend bij tegenwind of erger.

Hoe ga je ermee om?

 Vraag, de weinige keren dat de laat-maar-waaien-baas wél op de werkvloer verschijnt, om heldere instructies.

 Geniet van je vrijheid en de sfeer van vertrouwen: het is best stoer als je boelt runt zonder sturing van bovenaf. En maak met het team onderling duidelijke afspraken over taken die moeten worden uitgevoerd.

 Je kunt je verloren voelen door een gebrek aan steun en oprechte interesse. Zoek die steun bij je collega’s, bij elkaar.

Lees alle artikelen op het gebied van werk en carrière op onze Werkt-pagina en meld je aan voor de nieuwsbrief!