Volledig scherm
Leerlingen en schoolleiding komen aan bij het gerechtshof, waar het hoger beroep van het Cornelius Haga Lyceum dient over de publicatie van het rapport van Inspectie van het Onderwijs. De school maakte bezwaar tegen publicatie door de inspectie. De rechter oordeelde dat er geen aanleiding was om publicatie te verbieden. © ANP

Gemoederen lopen hoog op bij zitting Haga Lyceum

Op 24 december beslist het gerechtshof in Den Haag of het rapport van de onderwijsinspectie over het Cornelius Haga Lyceum moet worden ingetrokken, stelde het hof vandaag. De gemoederen liepen af en toe hoog op. De directeur van de islamitische school liet zich flink gelden. 

Het gerechtshof behandelde vandaag in hoger beroep de bezwaren van de islamitische middelbare school tegen een vernietigend rapport van de Inspectie van het Onderwijs. Bij aanvang van de zitting was de toon al gezet. ,,We mogen met niet meer dan vijftig mensen naar binnen, anders worden we genaaid,” zei directeur-bestuurder Soner Atasoy. Net als bij een kort geding vlak voor de zomer, had de school tientallen leerlingen en ouders per bus aangevoerd vanuit Amsterdam. Voor zo veel mensen was geen ruimte, kreeg Atasoy van het hof te horen. Als er meer dan vijftig mensen naar binnen zouden gaan, zouden de rechters de zaak pas over een maand in behandeling nemen, zo zou Atasoy te horen hebben gekregen. Vandaar zijn opmerking dat de school dreigde te worden ‘genaaid’.

Wouter Pors, advocaat van het Haga Lyceum, probeerde hem tot kalmte te manen. Maar de samengedromde leerlingen voor de rechtszaal waren ook verontwaardigd. ,,Gelijke rechten!” riep een van hen. Pors probeerde ook haar te kalmeren: ,,Vooraf is telefonisch gemeld dat er ruimte was voor 37 mensen.”

Toen de zitting dan toch van start ging, deed Pors uit de doeken waarom het negatieve rapport van de onderwijsinspectie over het Haga Lyceum van tafel moet. Het document dat kort voor de zomer verscheen, vormt de basis voor het besluit van onderwijsminister Arie Slob om het vertrek van Atasoy te eisen. Die kreeg tot 17 oktober om een tijdelijke vervanger aan te stellen. Omdat dat niet gebeurde, stopt Slob per 1 december de financiering van de school. 

Belachelijke eisen

Voor het Haga Lyceum staat de toekomst op het spel. Voor de inspectie staat prestige op het spel, ook dat van minister Slob. Vandaar dat alle juridische registers zijn opengetrokken. En vandaar ook dat de gemoederen aan de kant van het Haga Lyceum af en toe hoog opliepen. ,,Na vele jaren van druk dreigt meneer Atasoy zijn vertrouwen in de rechtsstaat te verliezen”, zei Pors over zijn cliënt. Aan het slot van de zittingsdag vertelde Atasoy over de in zijn ogen belachelijke eisen van de inspectie, bijvoorbeeld om vermeende radicale figuren buiten de deur te houden. Hoe moest hij tientallen salafistische ouders buiten de deur houden, gesteld dat die er zouden zijn?

Een zogenoemde bodemprocedure tegen het besluit van de minister dient volgende maand bij de rechtbank. Die zal vele maanden in beslag nemen, tijd die het Haga Lyceum niet heeft. Om leegloop te voorkomen wil de school zo snel mogelijk het inspectierapport laten intrekken door het hof. 

Het hof vroeg zich af hoe Pors intrekking van een reeds verschenen rapport voor zich ziet. Het deed een van de rechters denken aan een arts die een medische fout maakt, waarna de patiënt intrekking van de fout eist. Pors schermde met een eerdere intrekking door de inspectie.

Vooroordeel

De advocaat probeerde aan te tonen dat de inspectie op tal van terreinen zijn bevoegdheden te buiten is gegaan en allerlei oordelen velt zonder wettelijke basis. ,,De hele zaak is gebaseerd op een vooroordeel,” aldus Pors. Dat ligt volgens hem besloten in de constatering van de inspectie dat de leerlingen van het Haga Lyceum opgroeien in een ‘grootstedelijke context’ waarin het risico op discriminatie en het niet-erkennen van bijvoorbeeld de gelijkheid van man en vrouw op de loer ligt.

De advocaat van de inspectie, Jannetje Bootsma, zei dat alles juist volgens de regels is gegaan en dat de toezichthouder was gealarmeerd door een uitzonderlijk ambtsbericht van de AIVD, dat ‘ernstige signalen’ bevatte omtrent radicale figuren rond de school. Volgens Bootsma was het schoolbestuur zelf over de risico’s begonnen rond de ‘grootstedelijke context’, zonder dat het daar iets tegen wilde ondernemen. Bootsma ontkende dat de inspectie extra eisen oplegt aan het Haga Lyceum voor lessen in burgerschap. Zo leek de bodemprocedure, waarbij de inhoud van het inspectierapport zal worden ontleed, al een beetje begonnen.

Pors weersprak dat de school financiële problemen heeft. Volgens Bootsma is het negatieve saldo op de rekening van de school verdwenen omdat Atasoy na publicatie van het inspectierapport 66.000 euro heeft bijgestort. Ze concludeerde dat het bestuur het eigen belang boven dat van de school stelt door niet bijtijds op te stappen.