Woonwagenbewoonster Sjan uit Tilburg: ‘Wij poepen op dezelfde WC als jullie’

Terwijl Sjan Lugters stapels puddingbroodjes, gevulde koeken, drop en chocola voor ons uitstalt, komt haar ex-man binnenlopen. ,,Ik ben hier gewoon voor de gezelligheid, hoor. Ik wil niet geïnterviewd worden! Laat dat maar aan Sjan over. Maar ik heb wel appelflappen voor jullie meegenomen.”

We zijn op bezoek bij het woonwagenkamp aan de Sportlaan in Tilburg. Met vier kleine woonwagens, her en der een verdwaald schuurtje en slechts een handjevol bewoners springt het kampje niet echt in het oog. Sterker nog: je kunt er prima voorbij fietsen zonder door te hebben dat er überhaupt een woonwagenkamp is.

Bling-bling

Volledig scherm
Sjan Lugters in haar woonwagen in Tilburg. © Spot On Stories / Jolien van de Griendt

Maar zo onopvallend als het kampje er vanaf de straat bij ligt, zo over-the-top is de inrichting van Lugters’ woonwagen. Je moet aardig je best doen om tussen de marmeren engeltjes en de gouden tierelantijntjes door te manoeuvreren zonder iets om te stoten.

,,Wij houden van bling-bling,” zegt ze lachend. ,,Alles moet blinken en op goud lijken. Het hoeft geen echt goud te zijn, maar het moet wél goudkleurig zijn. Dat is echt een dingetje van de oudere woonwagenbewoners, hoor. Bij de nieuwe generatie is alles juist strak en sober in de wagen.”

Vrij voelen

Het leven in een woonwagen zit bij Lugters in het bloed. Tweemaal in haar leven heeft de 57-jarige Lugters noodgedwongen even in een huis moeten wonen. ,,Maar dat is aan mij niet besteed. In de wagen is het ’s winters verschrikkelijk koud en ’s zomers is het er veel te heet. En toch mis ik het, zodra het anders is.”

Goed uitleggen waar dat ‘m nu in zit, kan ze naar eigen zeggen niet. ,,Het is net als met die wielen onder m’n wagen. Ik weet ook wel dat ik er niet meer mee weg kan rijden, maar als je die wielen weghaalt, word ik doodongelukkig. Ik ben opgegroeid in een rondtrekkend gezin. Sindsdien is alleen al het idee dat ik elk moment met huis en al kan vertrekken genoeg om me vrij te kunnen voelen.”

‘Ook maar gewoon mensen’

Over het algemeen heeft ze weinig problemen met de stadsmensen - of ‘boeren’ zoals ze hen noemt - om het kampje heen. ,,Als je heel eerlijk bent, zijn we ook niet zo ontzettend anders dan andere mensen. Ja, we wonen op ’t kamp. En het liefst met hele families bij elkaar. Maar verder zijn we ook maar gewoon mensen.”

Alleen aan de studenten die elke week lawaaierige feesten organiseren tot diep in de nacht ergeren ze zich op het woonwagenkamp wel eens. ,,Die wagens van ons zijn toch al zo gehorig als de pest. En als er dan de hele nacht groepjes buiten staan te roken, te drinken en te vrijen wanneer wij hier proberen te slapen, dan worden we daar niet altijd blij van, nee.”

‘Wij hebben ook een hart’

Volledig scherm
Sjan Lugters in haar woonwagen in Tilburg. © Spot On Stories / Jolien van de Griendt

Dat ‘de buitenwereld’ nog wel eens het beeld heeft dat elk woonwagenkamp een vrijplaats is waar iedereen zich met criminele activiteiten bezig houdt, steekt haar. ,,Is er dan geen criminaliteit in woonhuizen? Komt daar nooit politie? Wij zijn niets meer of minder dan wie dan ook. In elk huis gebeurt wel eens wat en in elke wagen gebeurt wel eens wat. Wij hebben ook een hart. En wij poepen gewoon op dezelfde WC als jullie allemaal.”

Lugters en haar familie zijn blij met de uitspraken van het College voor de Rechten van de Mens en met het beleidskader van minister Ollongren. ,,Dat bewijst allemaal wat wij zelf al jaren weten. Dit is onze cultuur en die mag je niet zomaar laten uitsterven. De stadsmensen kunnen ook maar beter aan ons wennen, want wij gaan toch nergens heen. Wij vinden het prettig om zo te wonen en dat blijven we doen ook.”

Volgende generaties

Nu durft ze weer zo stellig te zijn. Maar lange tijd is ze bang geweest dat er voor volgende generaties geen plek meer zou zijn op het kamp. ,,Mijn kinderen, m’n kleinkinderen en straks ook hún kinderen willen misschien ook wel op het woonwagenkamp wonen. Het is eigenlijk niet meer dan normaal dat dat dan ook mogelijk is.”