Sjoerd Mossou.
Volledig scherm
PREMIUM
Sjoerd Mossou. © AD

Door de serie ‘Sunderland ‘Til I Die’ snap je de blinde paniek in het voetbal

ColumnColumnist Sjoerd Mossou verlekkerde zich in sportloze tijden aan de documentaire ‘Sunderland ‘Til I Die’. Volgens hem snap je na het zien ervan meteen waarom er momenteel zoveel blinde paniek is in het internationale profvoetbal.

Er is veel mooi aan de documentaire ‘Sunderland ‘Til I Die’ op Netflix (seizoen 2 is nu te zien), maar het mooist is de scène op de dag van de transferdeadline. Sunderland heeft nog een spits nodig – en snel een beetje.

Wat je ziet is een wat desolaat kantoor dat heel erg aan ‘The Office’ doet denken, het legendarische Britse alternatief voor ‘Debiteuren, Crediteuren’, compleet met hels TL-licht en luxaflex. Binnen is voorzitter Stewart Donald druk aan het bellen in een blauw overhemd. De tijd dringt. Bij elk uur dat voorbij tikt, begint Donald (type sympathieke taxichauffeur uit Sheffield) steeds meer te zweten.

Hij heeft al zijn zinnen gezet op spits Will Grigg, vooral bekend door dat Noord-Ierse supportersliedje, niet per se om zijn spel. Een alternatief is er blijkbaar niet, maar het wil allemaal niet echt opschieten met de onderhandelingen. De voorzitter zucht en steunt en vloekt en kraakt en piept. Wanhopig belt en ijsbeert hij zich een slag in de rondte.