Volledig scherm
Engeland voor aanvang van de 999ste interland, uit tegen Bulgarije. © AFP

Engeland kan zich plaatsen voor EK in 1000ste interland

Als eerste natie bereikt Engeland vanavond de mijlpaal van duizend voetbalinterlands. Een overzicht van de opmerkelijkste feiten.

Op 30 november 1872 stonden op Hamilton Crescent in het Schotse Partick, regio Glasgow, twee landen tegenover elkaar: Schotland en Engeland. Door drie dagen hevige regenval was het grasveld veranderd in een haast onbespeelbare modderpoel, maar van afgelasting wilde niemand weten. De eerste officiële interland uit de geschiedenis van het voetbal werd voor 4000 toeschouwers gewoon afgetrapt. Eindstand: 0-0.

Vanavond zijn we een slordige 147 jaar verder en speelt de Engelse ploeg de duizendste interland uit de historie. Het decor, Wembley, is een stuk aansprekender dan de blubber van Hamilton Crescent destijds. De tegenstander, Montenegro, spreekt daarentegen minder tot de verbeelding dan eeuwige rivaal en buurman Schotland. Maar dat mag de pret niet drukken. Bovendien staat er vanavond een concrete beloning op het spel voor Engeland. Een overwinning betekent namelijk rechtstreekse plaatsing voor het EK van komende zomer.

Angstgegners

Van Montenegro verloor Engeland nog nooit. Brazilië is daarentegen de grootste angstgegner van de Engelsen. Van de 26 wedstrijden tegen 'De Goddelijke Kanaries’ won Engeland er slechts 4. 

Opvallender is de aanwezigheid van Ierland en Roemenië in de top zes van grootste angstgegners. Tegen de Roemenen wisten ‘The Three Lions’ al bijna een halve eeuw geen officiële wedstrijd meer te winnen. Overigens neemt ook Nederland een mooie positie in dit lijstje in: Oranje won zeven keer en verloor zes keer van Engeland, negen keer werd het een gelijkspel.

Hofleverancier

In totaal kwamen 1244 spelers uit voor de Engelse nationale ploeg. Tottenham Hotspur, slechts tweemaal landskampioen, leverde verrassend genoeg de meeste internationals. De meeste Engelse voetballers spelen hun hele carrière lang in eigen land. Er zijn daarom ook geen buitenlandse clubs in de bovenste regionen van deze lijst te vinden. AC Milan en Real Madrid zijn, beide met vier internationals, de hofleveranciers als het op clubs buiten Groot-Brittannië aankomt. Binnen het Verenigd Koninkrijk is het Schotse Rangers met zeven spelers de buitenlandse club met de meeste Engelse internationals. Ter vergelijking: Barcelona leverde negentien voetballers aan Oranje.

Club van honderd

Er zijn 9 Engelse voetballers geweest die meer dan 100 interlands op hun naam hebben staan. Peter Shilton voert die lijst aan. De doelman kwam tussen 1970 en 1990 tot 125 wedstrijden voor zijn land. Daarmee is Shilton, die op clubniveau tot zijn 47ste doorvoetbalde, niet de international met de langste periode tussen zijn eerste en laatste interland.

De interlandperiode van Sir Stanley Matthews besloeg namelijk 22 jaar en 228 dagen. In die tijdsspanne, 1934-1957, kwam Matthews tot in totaal 54 caps. Nog niet de helft van Shilton inderdaad. Matthews had dan ook de pech dat hij in een tijd voetbalde waarin er een stuk minder interlands werden afgewerkt. Nog even los van de Tweede Wereldoorlog waarin Matthews in de luchtmacht diende.

Trivia

Jermain Defoe heeft de meeste wedstrijden als invaller achter zijn naam staan: 35 van zijn in totaal 57 interlands startte Defoe op de bank.
• De kortste interlandcarrière in Engeland staat op naam van Martin Kelly. In 2012 mocht de toenmalige Liverpool-verdediger 2 minuten meedoen tegen Noorwegen. Dat is trouwens een eeuwigheid vergeleken met de Fransman Franck Jurietti, wiens totale interlandloopbaan voor ‘Les Bleus’ 5 seconden beslaat.
• Vijf keer zag een vader zijn zoon in de voetsporen treden als Engels international: George Eastham Sr. en George Eastham, Brian Clough en Nigel Clough, Frank Lampard Sr. en Frank Lampard, Ian Wright en Shaun Wright-Phillips, Mark Chamberlain en Alex Oxlade-Chamberlain. Eén keer gebeurde dit bij een grootvader en diens kleinzoon. Bill Jones (2 interlands 1950) zag zijn kleinkind Rob Jones in 1992 debuteren.
Theo Walcott is de jongste Engelse international ooit. Hij was 17 jaar en 75 dagen bij zijn eerste interland.
• In 147 jaar  greep Engeland één keer een hoofdprijs: de wereldtitel in 1966.

Volledig scherm
Engeland, in de persoon van Bobby Moore, mocht in 1966 de wereldbeker omhoog houden. © AP