Volledig scherm
De voorgerechten worden geveild door de ‘veilingmeester’ bij De Spijsveiling in de kapel van het Gasthuiskwartier © Olaf Smit

Behoudende horeca in Den Bosch heeft slechte jaren en grotere ruimtes nodig voor echte vernieuwing

Za 13 jul. Het is tijd voor vernieuwende horecaconcepten in Den Bosch, zo vindt de gemeente. Wat mist de stad dan? ,,Zet vooral niet alles wat hip is, op één kaart.”

Door Marc Brink en Bart Gotink

Schreeuwen, tegen elkaar opbieden en lichte chaos in de zaal. Het klinkt voor velen misschien niet direct als een ontspannen manier om te zorgen dat je een goed diner bij elkaar krijgt in een restaurant. En toch is de Spijsveiling in het Bossche Gasthuiskwartier dit hele weekend uitverkocht

Ja, het is een groot contrast met een traditioneel restaurant, zegt Roland van Balen van de Spijsbereiders. ,,In een normaal restaurant is de klant toch koning. De gast bepaalt wat hij wil eten en drinken en alles draait om gastvrijheid. Maar dat maakt het ook moeilijk om mensen te verrassen. Wij willen mensen graag verrassen, en dwingen gasten met zo’n veiling tot het maken van harde keuzes.” En het slaagt, want ook deze tweede editie was in een paar uur helemaal uitverkocht. 

Het idee van de Spijsveiling is misschien wel een uitzondering in Den Bosch, want de horeca hier is weinig vernieuwend, schreef de gemeente vorige maand in de nieuwe horecavisie. Er moet ruimte komen voor vernieuwende horecaconcepten, vindt de gemeente.

‘Het gaat misschien wel te goed’

En ja, het beeld dat restaurants en cafés in Den Bosch niet zo vernieuwend zijn, klopt wel een beetje, concludeert Van Balen. Met zijn partner Peter Derks had hij ook een tijdlang pop-uprestaurant Anderhalf, met een schuivende tafel. Verder bedenken ze andere horeca-concepten. ,,Het gaat misschien wel te goed met de horeca in de stad", is zijn conclusie. ,,Voor de ondernemer is dat fijn, maar daardoor zijn investeringen of vernieuwingen ook niet nodig. In slechtere jaren vallen de slechtere restaurants af, maar in Den Bosch hoeft dat niet. Daardoor blijft het wat klassiek.” Overigens zit er nog wel een rooftopbar op de dak van het nieuwe hotel in het Paleiskwartier in de pijplijn. 

Quote

In slechtere jaren vallen de slechtere restau­rants af, maar in Den Bosch hoeft dat niet

Roland van Balen

Horecamakelaar Michael Klaassen ziet ook nog een ander probleem. ,,We hebben diverse ondernemers die naar Den Bosch willen komen. Maar we kunnen ze niet de meters aanbieden die ze wensen in het centrum’’, aldus de directeur van Klaassen horecamakelaardij. Volgens Klaassen zou de gemeente er goed aan doen om horeca-ondernemers de kans te geven om als het even kan een naastgelegen pand bij hun exploitatie te trekken. 

Volledig scherm
De voorgerechten worden geveild © Olaf Smit

,,Uiteraard heb je natuurlijk de medewerking van de pandeigenaren nodig. Maar neem grand-café Silva Ducis op de Parade eens als voorbeeld. Mensen van buiten Den Bosch beschouwen dat als het meest bekende horecabedrijf van de Parade. De vele vierkante meters spelen hierbij zeker een rol. Het uitgaanspubliek in Den Bosch heeft een tekort aan wat grotere uitgaansgelegenheden. Hierbij bedoel ik niet de oude discotheek maar vernieuwende concepten waarbij eten, drinken en stappen onder één dak wordt aangeboden.’’

Eén ijsje, niet honderden smaken

Eigenlijk zou elke horecazaak zijn concept om de vijf jaar tegen het licht moeten houden, vindt Van Balen, desnoods met iemand die er met iets meer afstand naar kan kijken. ,,Gaat het nog zoals ik ooit wilde? Is de zaak niet verouderd? Dat zou je je moeten afvragen.”

Wat goed werkt, zijn volgens Van Balen restaurants die zich in zijn geheel richten op een product. ,,In Amsterdam zit een avocado-restaurant. Dat is een wel heel extreem, maar ook een goed voorbeeld. Een ander voorbeeld is de IJsvogel in Den Bosch. Ze verkopen al 86 jaar één ijsje, niet zoveel mogelijk smaken. En het werkt.” Veel zaken willen alles wat hip is op de kaart zetten, zegt hij. ,,Dan gaat het bijvoorbeeld over ‘de wereldkeuken’ op een menukaart. Ik ga liever naar Tante Wonnie in de Hinthamerstraat , dan weet ik dat ik echt goed Surinaams eet, als naar een restaurant met één Surinaams gerecht op de kaart. Dan weet ik namelijk nog niet of het goed is.”

Volledig scherm
Mama Kelly in Amsterdam, een 'instagrammable' restaurant © De Horecafabriek

Klaassen wijst daarbij op de Streetfood Club die vorig jaar in de binnenstad van Utrecht is geopend. Het is een brunchrestaurant dat je ‘meeneemt op een foodtrip door de sloppenwijken van Mexico’. Gasten krijgen acaibows met haverlatte’s geserveerd. De zaak behoort tot de nieuwe generatie ‘instagram-restaurants waarbij het belangrijk is hoe fotogeniek gerechten en interieur zijn. Stoplichten geven aan of de wachttijden oplopen.

‘Sterke kernen met eigen identiteit’

Wat Klaassen betreft kan het licht op groen voor zo’n formule in Den Bosch. ,,Want er is hier een veelvoud van hetzelfde. Het huidige horeca-aanbod in Den Bosch is zonder meer goed, maar in het centrum zijn dus teveel kleine horecazaken’’, zegt hij. ,,De kracht die Den Bosch heeft als horecastad zie je in de sterke kernen die elk een eigen identiteit. Dat geldt bijvoorbeeld voor de Korte Putstraat, Uilenburg, Markt en Parade. Deze concentratiegebieden liggen op loopafstand van elkaar en hebben elk hun eigen publiek.’’

Van Balen is niet direct fan van de ‘miljoenen kostende interieurs’ van ‘Instagram-restaurants’ zoals de Streetfood Club of het volledig roze Mama Kelly in Amsterdam. ,,Op een interieur raak je uiteindelijk toch op uitgekeken maar vernieuwen is moeilijk met zo'n duur interieur. Bovendien stel ik liever het eten voorop. Ik hoop dat deze trend Den Bosch dus niet bereikt.”

Quote

Het huidige horeca-aan­bod in Den Bosch is zonder meer goed, maar in het centrum zijn dus teveel kleine horecaza­ken

Micheal Klaassen

‘Veel lol in pop-uppen’

Wat de gemeente betreft moet er meer horeca mogelijk zijn in de buitengebieden. Daar is Klaassen enthousiast over. ,,De fietser en wandelaar vinden het een welkome afwisseling om ergens even te genieten van een kopje koffie of een lunch. Ook zijn er natuurlijk veel mensen die liever in auto dicht bij een horecagelegenheid willen parkeren.”

Of Van Balen zelf geen vast restaurant wil beginnen? ,,In de toekomst zouden we dat nog graag willen. Maar voorlopig hebben we nog veel lol in het pop-uppen. We kunnen hiermee zoveel meer maken dan in een normaal restaurant.”

In samenwerking met indebuurt Den Bosch