Familieleden Kortenhorst bij de graven van (over)grootvader T.M.  Kortenhorst, zijn vrouw en hun zoon, op de begraafplaats van Coudewater.
Volledig scherm
Familieleden Kortenhorst bij de graven van (over)grootvader T.M. Kortenhorst, zijn vrouw en hun zoon, op de begraafplaats van Coudewater. © Paul Roovers/BD

Familiereünie op Coudewater, nog net voor de gebouwen worden gesloopt

ROSMALEN - Vier generaties gaf de familie Kortenhorst mede leiding aan psychiatrisch ziekenhuis Coudewater. Zorg wordt er niet meer verleend en veel gebouwen worden snel gesloopt. Er was nog net tijd voor een reünie.  

Als kind ging Jules Kortenhorst (58) in de jaren zestig regelmatig op zaterdag mee met zijn vader naar Coudewater. Die moest als economisch directeur in de weekeinden soms nog wat administratie bijwerken. ,,Zo moesten er allerlei rekeningen worden gestuurd naar de gemeente Den Bosch. Die betaalde namelijk apart voor de verzorging van elke Bossche patiënt die er woonde. Ik stempelde op die rekeningen dan de handtekening van mijn vader. Pats, pats”, maakt Jules er het handgebaar bij.

Dat stempelen gebeurde op de werkkamer van Kortenhorst in het statige (en oudste )gebouw Marienwater op het landgoed. Het is één van de panden die de (klein)kinderen Kortenhorst maandag bezochten tijdens hun familiereünie. Vader Jules werkte van 1962 tot 1985 op Coudewater. Als economisch directeur en daarvoor als algemeen secretaris. Net als zijn vader Timotheus Maria (Moot), naar wie in Rosmalen nog een straat is vernoemd. Die vroeg hem in 1961 nadrukkelijk om te solliciteren als zijn opvolger. Jules Kortenhorst was daarmee een vierde ‘generatie’ die bemoeienis had met Coudewater. Want de vader van zijn oma, Eduard van den Bogaert, was namelijk in 1870 één van de oprichters van het psychiatrisch ziekenhuis.

Historische verhalen, wij horen ze graag

De familie Kortenhorst is in de loop der jaren uitgewaaierd over het land en de VS. Toen ze hoorden dat op Coudewater verschillende gebouwen binnen afzienbare tijd worden gesloopt, wilden de kinderen graag nog één keer ter plekke herinneringen ophalen. Verantwoordelijk projectontwikkelaar Hans Hartman wilde graag meewerken: ,,Want historische verhalen, daar zit Coudewater vol mee. En wij horen ze graag.” 

Vlinderdasje

Ook Mieke van Nuland is van de partij, als gids. Meer dan 40 jaar geleden begon ze als leerling-verpleegkundige in het psychiatrisch ziekenhuis. ,,Iedereen kende elkaar", weet ze nog wel. ,,Coudewater was een dorp.” Ja, economisch directeur Kortenhorst kan ze zich nog wel herinneren. Misschien wel vanwege het vlinderdasje dat hij altijd droeg, vermoeden zijn kinderen.

Al wandelend over het terrein begint bij Jules jr en zijn broers en zussen Eugenie, Maarten, Hans en Gabique Coudewater weer volop te leven. Hoewel ze niet op het terrein woonden, struinden ze erf vaak rond. En deden vakantiewerk. Ook moeder Gabrielle (Gabique), bijna 90 jaar oud, is erbij. Ook voor haar is de terugkeer naar de plek waar haar man werkte van Coudewater een feest van herkenning:  ,,Allerhande herinneringen borrelen op.” 

Sorry, het is ook niet mooi

De projectontwikkelaar heeft de familie dan al verteld dat ongeveer de helft van de panden op Coudewater worden gesloopt. Dat blijken vooral gebouwen die onder verantwoordelijkheid van Jules senior zijn gebouwd. Ze begrijpen het wel van die sloop, de kinderen. ,,Sorry mam, maar wat ons vader heeft gebouwd is ook niet mooi", zegt Hans Kortenhorst. ,,Maar het is prachtig dat dit landgoed een nieuwe bestemming krijgt.” 

De rondleiding eindigt op het kerkhof waar de graven liggen van de oprichters Van den Bogaert en Pompe. Naast vele graven van overleden nonnen en patiënten. Het kerkhof met zijn zerken, inmiddels monument, blijft behouden. Dus ook de graven van T.M. Kortenhorst, zijn vrouw en hun zoon. Tot geruststelling van de familie.

Jules Kortenhorst geeft uitleg aan familie over zijn herinneringen aan de kapel van Coudewater. Links Hans Hartman.
Volledig scherm
Jules Kortenhorst geeft uitleg aan familie over zijn herinneringen aan de kapel van Coudewater. Links Hans Hartman. © Marc Bolsius

In samenwerking met indebuurt Den Bosch