Volledig scherm
PREMIUM
© Fotopersburo Bert Jansen

Hoe hard een crimineel wordt aangepakt hangt af van de strijdvaardigheid van de burgemeester

Burgemeesters krijgen steeds meer mogelijkheden om criminele inwoners te straffen. In Brabant zijn er van gemeente tot gemeente grote verschillen in aanpak te zien. Het is maar welke rol de burgemeester prefereert.

Volledig scherm
© ED

Afwijkend stroomverbruik in de Ds. Louwe Kooymanstraat is begin dit jaar aanleiding voor een hoop commotie in Waalwijk. Onderzoek brengt de politie bij de woning van de ouders van topturner Yuri van Gelder. Terwijl de ooit cokesnuivende turner ergens in de ringen hangt, wordt in zijn ouderlijk huis 2,4 kilo hennep gevonden met een straatwaarde van tienduizend euro. Foute boel. Burgemeester Nol Kleijngeld kent geen genade en met de Wet Damocles zwaaiend sluit hij het pand voor drie maanden. De familie staat tijdelijk op straat.

Het is de sterke arm van het bestuursrecht. Burgemeesters mogen sinds 2007 woningen tijdelijk sluiten waar de politie drugs heeft gevonden. In Tilburg is Ruud Vreeman een van de eersten die met de Wet Damocles in de hand mensen tijdelijk uit hun huis laat zetten: in 2008 doet hij dat acht keer. Achter de vodden gezeten door de Brabantse taskforce tegen de drugscriminaliteit slaan alle burgemeesters dezelfde weg in. De gedachte: als het niet lukt om drugscriminelen te raken via het strafrecht, moet het maar via bestuursrechtelijke weg. De burgemeester krijgt daarmee de mogelijkheid om de spierballen te laten rollen. Wie niet meedoet, krijgt al snel het verwijt een ‘wegkijker’ te zijn. In 2015 doet vrijwel iedere burgemeester mee, wat in heel Brabant tot 259 Damocles-sluitingen leidt. 2017 is het topjaar: 431 woningen gaan dan tijdelijk op slot.

  1. De rotte appels van groenteboer Erik Akerboom
    PREMIUM
    COLUMN PLAATS DELICT

    De rotte appels van groente­boer Erik Akerboom

    Toen officier van justitie Gerard Sta op 16 januari 2018 aan zijn requisitoir begon in de rechtszaak tegen politiemol Mark M. , stak hij van wal met de vaststelling dat voor ‘het overgrote deel van het politiekorps integriteit vanzelfsprekend is’. ,,Maar de samenleving en de politie nemen geen genoegen met ‘meestal eerlijk’ of ‘doorgaans betrouwbaar’”, zo ging Sta verder. Politiemol Mark M. had jarenlang ‘karrenvrachten politiegeheimen verklapt en verkwanseld’ aan Brabantse criminelen en daarmee de ‘waardigheid van het politie-ambt te grabbel gegooid’, foeterde de magistraat.