Volledig scherm
De archeologen Ria Berkvens en Theo de Jong. © Jean Pierre Reijnen

Brabant in Romeinse tijd drukker dan gedacht

DEN BOSCH -  Een nieuw naslagwerk bundelt 850 opgravingen in Oost-Brabant over bewoning van het gebied in de afgelopen 3000 jaar. 

Dat het oosten van Brabant in de eerste eeuwen van onze jaartelling nagenoeg onbewoond zou zijn geweest, daar wil archeoloog Ria Berkvens onderhand wel een keer vanaf. ,,We vinden in alle dorpen en steden resten van bewoning, ook van toen.  Het was drukker dan we nu wel eens denken dat het destijds was.”

Berkvens en haar collega Theo de Jong zijn beiden archeoloog bij de gemeente Eindhoven. De afgelopen jaren hebben ze meegewerkt aan een zeer omvangrijk archeologisch project. De kartrekkers waren Baac uit Den Bosch, een adviesbureau voor archeologisch onderwijs, en de Rijksdienst voor Erfgoed. 

Lijvig 

Het doel: een naslagwerk opzetten waar alle 850 opgravingsprojecten in Oost-Brabant van 1997 tot 2014 in worden vermeld. De tijdsspanne van bewoning omvat 3000 jaar. De presentatie van het lijvige boekwerk is maandag in het Erfgoedhuis in Eindhoven. Op basis van al die rapportages is gekeken of de inzichten van jaren geleden bijgesteld dienden te worden.  

Nou, dat moesten ze. Om er maar eens een te noemen: Brabant zou een gebied zijn van ‘zwervende erven'.  Stenen boerderijen dateren van de Middeleeuwen. In de eeuwen (ver) daarvoor waren ze van hout en leem. ,,Zo'n woning ging niet lang mee", legt De Jong uit. ,,Bovendien raakten akkers uitgeput. De theorie was dat zo'n familie de boel bij elkaar pakte en veel verderop voort boerde.”

Maar onderzoek laat zien dat zo'n gezin binnen hetzelfde gehucht bleef, maar dan aan de andere kant van de nederzetting. ,,Er was natuurlijk ruimte genoeg. Men claimde bezit nog niet zo. Dat kwam pas in de Romeinse tijd.” In de Middeleeuwen groeiden de nederzettingen door. Ze vormen de oorsprong van de steden en dorpen van nu.  

Olijfolie

Vaak genoeg vinden de archeologen restanten van tientallen boerderijen. Soms liggen daar stallen bij die veel groter en omvangrijker zijn dan de lokale bevolking nodig heeft. ,,Dat duidt op productieboerderijen", zegt Berkvens. ,,We weten dat het bij de een om vee ging en de ander om graan. Ook treffen we resten aan van olijfolie, visolie of luxe producten. Ze produceerden dus voor anderen en verhandelden dat. Dat betekent dat ze elkaar opzochten voor de handel.” Ook zijn er voetboeien gevonden, wat betekent dat er slaven werkzaam waren. 

In Helmond zijn drie Romeinse grafvelden gevonden waarvan een met 150 monumenten. Twee locaties liggen in Brandevoort, een in Helmond-Noord. De Jongh: ,,Er  moet daar ergens intensieve bewoning zijn geweest.” 

Kaakresten

Nieuwe moderne technieken zorgen ervoor dat er makkelijker op kleinere plekken onderzoek kan worden gedaan. In Sint-Oedenrode werden kaakresten gevonden van varkens uit de Middeleeuwen. Het botmateriaal wees uit dat er varkens uit Zuid-Duitsland in het hart van Brabant moeten hebben rondgelopen.    

De archeologen gaan er van uit dat door nieuwe technieken zaken makkelijker ontdekt kunnen gaan worden. Zo bleek dat er na de Romeinse tijd in Oost-Brabant boerderijen werden gebouwd volgens een stijl die toentertijd ook in Drenthe gebruikelijk was. ,,Kolonisten uit het Drentse gebied. Ja, waarom niet”, lacht De Jongh.

De twee pleiten ervoor dat de gemeenten meer doen met hun verleden, dat vaak zo boeiend is. Berkvens: ,,In Hoogeloon heeft een Romeinse villa gestaan. Hoe geweldig is het om met dat verhaal iets te doen. Toeristen vinden dat geweldig. Wat dat betreft vallen er wel meer van dat soort verhalen te vertellen in Brabant.”

Het naslagboek kent een kleine oplage van enkele tientallen voor archeologische diensten en is niet te koop in de boekhandel. Het is gratis te lezen

Volledig scherm
Archeologen Theo de Jong en Ria Berkvens. © Jean Pierre Reijnen
Volledig scherm
Een impressie van Brabant in de vroege Middeleeuwen: het gehucht Aarle bij Best. © Mikko Kriek
Volledig scherm
Bij opgravingen in Lieshout werd een Romeinse waterput aangetroffen. © Baac
Volledig scherm
Bij grootschalig archeologisch onderzoek komt het prehistorische landschap in het zicht, zoals de Romeinse grafmonumenten in Kranenbroek bij Brandevoort. © Theo de Jong
Volledig scherm
Ook kleine vondsten leveren bijzondere informatie: een stukje glas van een armband uit de ijzertijd, ruim 2000 jaar oud. Het glas komt uit de Nijldelta bij Egypte en wijst op verre handelscontacten. Gevonden bij de opgraving Hazenwinkel bij Brandevoort. © Theo de Jong
Volledig scherm
Archeologische bodemsporen worden door archeologen zorgvuldig uitgegraven en gedocumenteerd, voordat bouwputten worden uitgegraven. Opgraving Hazenwinkel bij Brandevoort. © Theo de Jong