Volledig scherm
© Getty Images/iStockphoto

'Dubbele petten DeSeizoenen'

EINDHOVEN - Bij twee bestuurders van zorginstelling DeSeizoenen is sprake van belangenverstrengeling of de schijn daarvan. De zorgverlener, met ook vestigingen in Eindhoven en bij Elsendorp, schendt daarmee een gedragscode van de zorg. Dat stelt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd na een onderzoek.

Bij DeSeizoenen krijgen mensen met een verstandelijke beperking zorg, begeleiding, huisvesting en dagbesteding. Onder meer Bronlaak in Oploo (bij Elsendorp) en een boerderij in de Genneper Parken in Eindhoven zijn vestigingen van DeSeizoenen.

De inspectie heeft nu vastgesteld dat zowel de financieel als algemeen directeur óók een rol heeft in de directie van het bedrijf Care Shared Services (CSS). Dat is net als DeSeizoenen onderdeel van één groot zorgbedrijf: de WW Zorg Groep.

Gedragscode

CSS levert tegen betaling onder meer facilitaire diensten aan DeSeizoenen. En dat mag niet volgens de gedragscode, die stelt dat elke vorm of schijn van belangenverstrengeling onwenselijk is. 'Dubbele petten' kunnen goede zorg in de weg staan.

Eerder, in 2016 en 2017, speelde de (schijn van) belangenverstrengeling ook al. De voorganger van de huidige financieel directeur was destijds - naast directielid van CSS - mede-aandeelhouder van de overkoepelende WW Zorg Groep. Hij vertrok op 1 juli van dit jaar. De inspectie kon geen aanwijzingen vinden dat destijds over de dubbele petten van de huidige algemeen en financieel directeur is nagedacht. Ook blijkt nergens uit dat de interne toezichthouder, de raad van commissarissen, iets heeft gedaan om belangenverstrengeling of de schijn daarvan te voorkomen. De Inspectie verwacht dat DeSeizoenen de huidige situatie snel verandert.

DeSeizoenen laat in een reactie weten dat de 'wettelijk toegestane combinatie' van aandeelhouder en directeur (bestuurder) medio 2019 is beëindigd. Ook worden er voor het einde van het jaar 'definitieve besluiten' genomen over een aangepaste structuur van het bestuur. De zorgorganisatie benadrukt dat de directe begeleiding van cliënten nooit ter discussie heeft gestaan.