Volledig scherm
Prinses Beatrix reikt een Zilveren Anjer uit aan Paul Spapens . © ANP

Beatrix fêteert Paul Spapens, ‘de reus van Moergestel’

MOERGESTEL - ‘Stelt u zich eens voor, over honderd jaar. Een optocht door uw eigen Brabantse Moergestel, met de reuzen die door úw voortvarendheid zijn gebouwd: Peer Poarel, Gèèselse Ermelindis en Heukelomse Mie. En daarachter, een struise reus met lange grijze manen en een flinke snor. In zijn ene hand een pen, in de andere een rommelpot. En langs de kant van de weg verzuchten toeschouwers: ,,Kijk, daar is onze Paul, de man die zo belangrijk is geweest voor onze gemeenschap.”’

Aan die voorspelling waagde Adriana Esmeijer, directeur van het Prins Bernnhard Cultuurfonds, zich dinsdagmorgen in het Paleis op de Dam te Amsterdam. 

Ze sprak haar lofrede uit aan het adres van Paul Spapens, voordat die de Zilveren Anjer mocht ontvangen uit handen van prinses Beatrix. 

De Zilveren Anjer werd deze eeuw aan de volgende Brabanders uitgereikt: Jan Naaijkens (2000), Marijke Overberg-Diemer Kool (2000), Jacques Stienstra (2002), het duo Hein Bergé en Jan van der Eerden (2005) , het echtpaar Clemens en Neeltje van der Ven (2012) en Jos de Pont (2013).

Volledig scherm
Paul Spapens, tweede van links, in het gezelschap van anderen die door prinses Beatrix met de Zilveren Anjer zijn onderscheiden: Albert Goutbeek uit Dalfsen en Herman en Cora Labberté-Hoedemaker uit Glimmen. © Jorrit Lousberg

Lofrede aan het adres van Paul Spapens, uitgesproken door Adriana Esmeijer (directeur Prins Bernhard Fonds), bij uitreiking van de Zilveren Anjer

Toen de plaatsen Heukelom, Oisterwijk en Moergestel door stedelijke herindeling werden samengevoegd, bouwden de inwoners samen drie reuzen. Imposante poppen van bijna vier meter hoog die elk de identiteit van deze woonplaatsen uitdrukken: eenheid door verscheidenheid. 

Samen werken aan zo’n grote pop zorgde voor verbroedering, evenals het samen dragen van de vele kilo’s tellende reuzen in een optocht door de straten van dorp en stad, in Brabant, of op uitnodiging elders in de wereld.

Meneer Spapens, het is een van de vele bijzondere activiteiten waar ú de schouders onder heeft gezet. Met uw ondernemingslust worden ideeën werkelijkheid: deze reuzen, (een idee dat navolging kreeg in andere steden) maar bijvoorbeeld ook de Brabantse Open Kerkendag, het vertalen van Beatles-nummers in het dialect, het jaarlijkse Grôot Dikteej van de Tilburgse Taol, of cursussen in het maken van een rommelpot, het historische muziekinstrument waarmee kinderen tijdens Vastenavond langs de deur gingen om snoepjes te vergaren.

Met uw pen heeft u eveneens een grootse prestatie geleverd: een oeuvre van meer dan honderd boeken, over onderwerpen als volksdevotie, carnavalswagens, de geschiedenis van Tilburgse gastarbeiders en Driekoningenzingen. 

Volledig scherm
Peer Poarel trekt door de straten van Oisterwijk. © Tim Rijnhout / PVE

Keer op keer toont u hierin de schoonheid en betekenis van immaterieel erfgoed en culturele diversiteit. Uw scheppingsdrang wordt aangestuurd door een vurig verlangen de wereld mooier te maken. Die wens had ook Peerke Donders, de 19de eeuwse priester die in Suriname slaven en melaatsen terzijde stond. U houdt zich al vele jaren met hem bezig, als auteur en ook als initiatiefnemer van bijvoorbeeld het Peerke Donders Museum. De vastberadenheid en grenzeloze barmhartigheid van de Tilburgse priester fascineren en inspireren u. En drijven bovendien uw eigen missie aan: iedereen zou iets moeten bijdragen aan de samenleving.

Wat u ook doet, meneer Spapens, uw werk valt op, ráákt mensen. Gaat over onderwerpen dicht bij huis, die herkenning en herinnering oproepen. Die een glimlach uitlokken, van ontroering, blijdschap en trots. Gewoontes en gebruiken zijn schakels tussen verleden, heden en toekomst. Worden van generatie op generatie doorgegeven en bieden daarmee continuïteit en identiteit. Volkscultuur verbindt. Het brengt mensen in deze versplinterde wereld nader tot elkaar.

Bovendien: door stevig in je eigen cultuur te staan, kun je je armen spreiden voor de ander. U bent van deze visie de gedroomde ambassadeur. Een oer-Brabander die zich niet laat beperken door provinciegrenzen; uw blik is altijd naar buiten gericht, ook richting nieuwe Brabanders. 

U prijst zich gelukkig aan de basis te staan van een nieuwe mondiale samenleving, waarin we veel van elkaars culturen kunnen opsteken. 

U, meneer Spapens, wordt blij van de halal-versie van het typische Brabantse worstenbroodje.

Stelt u zich eens voor, over honderd jaar. Een optocht door uw eigen Brabantse Moergestel, met de reuzen die door úw voortvarendheid zijn gebouwd: Peer Poarel, Gèèselse Ermelindis en Heukelomse Mie. En daarachter, een struise reus met lange grijze manen en een flinke snor. In zijn ene hand een pen, in de andere een rommelpot. En langs de kant van de weg verzuchten toeschouwers: “Kijk, daar is onze Paul, de man die zo belangrijk is geweest voor onze gemeenschap.”

Wij kunnen het ons wel inbeelden, want u bent een reus in wat u allemaal heeft bereikt. Daarom ontvangt u vandaag ons eerbetoon, de Zilveren Anjer. Met uw onvermoeibare werklust en uw roep om saamhorigheid heeft u deze meer dan verdiend. Dank voor uw optimisme, uw toewijding en uw inspirerende verrichtingen als hoeder van het veelzijdige en levendige Brabantse erfgoed. 

Uw inspanningen als verbinder vormen een wonderschone nalatenschap waar nog vele generaties van kunnen leren en genieten. Graag sluit ik af zoals u elke brief, mail of ontmoeting beëindigt, met het allermooiste woord dat er volgens u bestaat: houdoe!

Tilburg e.o.