Volledig scherm
PREMIUM
© Marc Bolsius

Daar hangt ze, haar foto gespijkerd op het kruisje in het bos, nog steeds wachtend op gerechtigheid

De wind waaide zachtjes door de dennen, als een eeuwigdurend treurlied, en ik voelde me opeens leeg en verlaten. Daar hing ze, haar foto, zorgvuldig aan het houten kruisje gespijkerd. Van tussen de bomen keek ze uit over de velden. Jong nog, met haar lange blonde haren en haar opvallen rode mond. Bijna tien jaar eerder was Nicole van den Hurk op die plek gevonden, haar stoffelijk overschot weggestoken onder takken. Nu stond ik er, met mijn bloknootje waarop ik krabbelde wat ik zag. De krant wilde een verhaal over de tragische, nooit opgeloste moord. En zo kruiste ik het spoor van het Eindhovense meisje dat ik nooit gekend had, maar dat toch langzaam tot leven kwam. Ik sprak haar stiefmoeder, en zocht haar stiefvader - voor velen nog verdachte - op in Spanje. Het was 2005, maar Nicole is nooit meer uit mijn herinnering weggegaan. Bijna tien jaar nadat ik mijn verhaal schreef, negentien jaar na de moord, werd een verdachte gearresteerd. Hij werd veroordeeld voor verkrachting maar vrijgesproken van moord. Het hoger beroep heeft nog altijd niet gediend, het is maar de vraag of de brute moordenaar van Nicole ooit zijn terechte straf krijgt.

  1. Als je een beetje fatsoenlijk mens bent, zo schreef mijn vader, lees je het nieuws over de wereld om je heen
    PREMIUM

    Als je een beetje fatsoen­lijk mens bent, zo schreef mijn vader, lees je het nieuws over de wereld om je heen

    De snor van mijn vader is nog lang niet grijs. Als hoofdredacteur van het Eindhovens Dagblad kijkt hij me aan, vanaf vergeeld krantenpapier. In de kolom naast hem staat Tony van der Meulen, nu columnist van deze krant maar destijds hoofdredacteur. Hij oogt zo oud als ik nu ben. Mijn vader en Tony, samen staan ze in een krantje dat het ED en BD in 1996 samen uitbrachten. Het staat vol wetenswaardigheden over de kranten die toen het hart vormden van Brabant Pers. Het zal toen gedrukt zijn voor een open dag, vermoed ik.