Volledig scherm
Een van de kledingstukken die werden gebruikt in de campagne van ProRail. © AFP

Door ProRail schetste ik alsnog ongewild een beeld in mijn hoofd

OPINIEEen kapotte jas, een aan flarden gescheurde blouse. Het zijn plaatjes die zonder context niet direct shockerend overkomen. Totdat ik deze beelden een aantal dagen terug voorbij zag komen op social media en las waar het nou eigenlijk over ging. Toen draaide mijn maag even om.

Spoorbeheerder ProRail wilde met name jongeren waarschuwen voor de gevaren op het spoor, door onder de naam ‘Victim Fashion, created by accident’, (nagemaakte) beschadigde kleding te tonen die jongeren droegen toen ze slachtoffer werden van een treinongeluk. Bam. Dat kwam binnen.

Even terug naar ruim 6 jaar geleden, naar 2 januari 2013. Toen mijn ouders en ik het bericht kregen dat mijn zusje Myrthe was overleden, voor de trein gesprongen. Dan staat je wereld stil.

In bescherming genomen

Voor de politieagenten die destijds bij mijn ouders waren om ons dit verschrikkelijke nieuws te melden, heb ik niets dan lof. Vanuit deze politieagenten kwam ook het advies niet te gaan kijken in het mortuarium. Dat advies hebben wij ter harte genomen, soms moeten mensen in bescherming worden genomen.

Deze politieagenten snapten dat. ProRail niet. De campagne is bedoeld om ongelukken op het spoor te voorkomen, maar om dit doel te kunnen bereiken, worden onnodig veel mensen gekwetst. Met NS is nooit overlegd, waardoor ook machinisten dit rauw op hun dak kregen, net als vele nabestaanden die hun trauma opgerakeld zagen worden.

Na vijf dagen impact, besloot ProRail de campagne maandag alsnog te staken. ‘Missie geslaagd’, volgens ProRail. Te laat als je het mij vraagt. Ik heb mezelf jarenlange nachtmerries bespaard door op advies van de politie niet bij mijn zusje te gaan kijken. Maar beelden worden je met deze campagne alsnog opgedrongen.

Ongewild een beeld geschetst

Ik ben niet naïef, weet echt wel dat het niet voor niets is dat we beter niet konden gaan kijken. Maar ik ben alsnog ongewild een beeld gaan schetsen in mijn hoofd. Laat staan wat voor impact het heeft op de mensen die dit wel hebben gezien, de hulpverleners en machinisten. ‘Daar moeten ze maar tegen kunnen’, las ik in behoorlijk wat reacties. Ik hoop dat deze mensen zoiets nooit mee hoeven maken.