Volledig scherm
Pompe: 'Bij deze foto is een fout gemaakt. Het betreft hier geen KNIL-militairen maar militairen van het Brits-Indisch regiment. Het is te zien aan de helmen, typisch Brits model.' © spaarnestad

'Laten ze ons eerst maar eens uitbetalen'

INGEZONDEN BRIEF - Mijn dank voor het uitgebreide artikel van Tonny van der Mee over het achterstallig - lees diefstal - soldij van de militairen van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger, het KNIL (BD 1 december).

Mijn vader was zo'n 20 jaar in dienst van het KNIL en heeft in die tijd de hele Indische Archipel doorkruist, van Java naar Celebes, de Molukken en Nederlands Nieuw-Guinea. Zijn laatste rang was sergeant.

In 1942 raakte hij in krijgsgevangenschap, waarvan een groot deel op de Molukken, Haruku en Amehai. Wat de Jappen daar met de krijgsgevangenen uithaalden, tart iedere beschrijving.

Ikzelf zat met mijn twee broers en onze moeder 3,5 jaar in het beruchte kamp Tjideng in Batavia (Djakarta). Toen wij in februari 1946 teruggingen naar Nederland (Nijmegen) zat niemand op ons te wachten; Nijmegen was platgebombardeerd, dus men had eigen zorgen.

Ik weet nog goed dat toen mijn vader 'Per Post' zijn medailles kreeg opgestuurd, hij ze in de hoek smeet, briesend: 'Laten ze ons maar eerst eens uitbetalen'.

In 1953 is hij tweemaal opgenomen in een krankzinnigeninstituut in Venray, want hij zag iedereen voor een Jap aan. Met veel moeite heeft hij zichzelf uit de ellende weten te werken. Hij is slechts 76 jaar geworden.

Mijn moeder is door een Jap doofgeslagen en ook ik en mijn broers hebben trauma's door deze tijd.

Het wordt dus tijd voor een betaling en niet alleen aan de nog overlevenden, maar ook aan de nabestaanden, voor zover die nog in leven zijn.