Volledig scherm
PREMIUM
. © BD

Met een triomfantelijke blik in haar ogen gooide ze haar sigaret in de gortdroge berm

De droogte hangt me de keel uit. Ik snak naar regen, alleen al omdat het me wel weer eens gezellig lijkt om ’s avonds een keer sámen met mijn man op het terras te zitten in plaats van dat hij wéér ons nog groene (jawel!) gras staat te sproeien.

Ik ben dat gejammer over die droogte ook zo zat. In elke krant die ik opensla gaat het over geel gras, de waterdruk en over de zomer van 1976 waarin kinderen geboren werden die nog nooit één druppel regen gezien hadden. Ik lees over de ramp die dreigt voor boeren, dieren zijn wanhopig op zoek naar water en voedsel, er is een verbod op open vuur en de dorre blaadjes dwarrelen al van de bomen.