Volledig scherm
De 'vrijwilliger' klinkt niet goed in de oren van het provinciaal bestuur'. © gratis

Provincie: Zorg is 'future'

Als het gaat om 'Sociale Veerkracht' richt het Brabantse provinciebestuur zich op 'young' en 'future'. De rest kan het schudden, zoals de vrijwilligers in de ouderenzorg.

De koning zei het ooit in een troonrede: we leven in een participatiemaatschappij. 'Meedoen' is het devies. En dan niet op sleeptouw genomen worden door zogenaamde welzijnswerkers, maar zelfredzaam, zelf de regie over je leven voeren, samen met je sociale omgeving. Het zou een heuse 'kanteling' inhouden in de manier waarop mensen die hulp en ondersteuning nodig hebben, zouden worden bejegend.

Dat gegeven is aan het provinciaal bestuur van Noord-Brabant voorbijgegaan. Weliswaar wordt er beleid gevoerd onder de noemer 'Sociale Veerkracht', maar die veerkracht blijkt enkel te zitten in de sector van het welzijnswerk, in de onderzoeksinstituten en in de welzijnswerkers zelf. 'Benoemt u het maar zoals u wilt, maar ons product blijft hetzelfde.' Als een dekseltje dat op elk potje past. Het vergt wat wringen, maar à la, het moet kunnen!

'Kwetsbaar Brabant'

Dat moet wel - het kan gewoon niet anders - de conclusie zijn na kennisneming van het onderzoeksrapport 'Kwetsbaar Brabant'. 'Met mij gaat het goed; met ons gaat het slecht' is al jaren het devies van het Sociaal en Cultureel Planbureau als het eens in de twee jaar rapporteert over de Sociale Staat van Nederland. Het individu ervaart in het algemeen een hoge mate van zich welbevinden, maar het vindt ook dat het met de samenleving als geheel de verkeerde kant op gaat. Dat is al even zo en dat moet te denken geven.

De provincie Noord-Brabant heeft een variant bedacht: 'Overall gaat het goed, maar niet overal.' Dat 'overall' staat er niet zo maar: als het over Sociale Veerkracht gaat, moet het doorspekt zijn met anglicismen, want anders is het niet van deze tijd en zeker niet van de 'future'. En het is een en al 'future' wat de klok slaat; het beleven van het heden is aan de Brabander blijkbaar niet besteed.

Vrijwilliger

Toch ken ik er wel een paar die zich vooral daarop richten. Als vrijwilliger ten behoeve van de medemens voor wie dat zelfredzame niet is weggelegd. Senioren vooral, want toen zij jong waren, ging niet zoals nu meer dan de helft van de jeugd naar het HBO of universiteit. Als er eentje was in de familie, dan waren ze daar al trots op. We hebben de samenleving zo complex gemaakt dat je dat opleidingsniveau wel nodig hebt om zelfstandig je weg te vinden. Zoals onze vrijwilliger die op HBO-niveau acteert als hij of zij anderen behulpzaam is. Maar 'vrijwilliger' klinkt niet goed in de oren van het provinciaal bestuur, zal wel kwalitatief minderwaardig zijn, zal wel vrijblijvend zijn. Althans, dat mogen we afleiden uit de wijze waarop het provinciaal bestuur de vrijwilligers als een baksteen heeft laten vallen bij het lanceren van 'Sociale Veerkracht'. Het provinciaal bestuur richt zich enkel nog op 'young' en 'future'. De rest kan het schudden. Zogenaamd geen doelgroepenbeleid; je moet wel stekeblind zijn om dat te blijven geloven.

'Het nieuwste Brabant' was de veelbelovende titel van een dik boek waaraan velen - ook ik - een bijdrage hebben geleverd (ik in euro's; anderen in inhoud) om een beeld te schetsen van waar we met ons allen naar toe willen. Ik begrijp nu dat dat Brabant tot stand zal moeten komen, niet dankzij het bestuur van de provincie Noord-Brabant, maar in weerwil daarvan. Een gedachte waarbij de rillingen me over de rug lopen; zozeer is Brabant mij lief.

Gérard Mustert is secretaris van Katholieke Bond Ouderen (KBO) Brabant.