Volledig scherm
Jacques Leverdingen en Henk Reijs van het Ravensteinse leerlooierhuisje vieren het 10-jarig bestaan met veertig vrijwilligers. © Jeroen Appels/Van Assendelft

Vervallen leerlooiershuisje nu druk bezocht educatief museum

CULTUUR IN DE REGIOHet Brabants Dagblad belicht in deze rubriek bijzondere culturele zaken: vandaag het tienjarig bestaan van het Ravensteinse Leerlooierij Museum.

Het zwartwit filmpje met ver-uit-de-vorige-eeuwmuziekje is een absolute must voor de bezoeker van het Leerlooierij Museum Ravenstein, dat dezer dagen zijn tienjarig bestaan viert. 

Maker Toon Suermondt, nazaat van het geslacht dat de Stoom- en Schoenlederfabriek Firma Ignaat Suermondt in het stadje runde, komt met authentieke beelden uit de jaren twintig die weinig aan de verbeelding overlaten. Hard en loeizwaar werk moet dat looien van dierenhuiden geweest zijn. Pezige mannen kijken even wat onwennig in de camera. Vervolgen met gekromde rug en ellenbogen het ontharen van koeienhuiden, ieder op z'n eigen boomstam. Trekken kletsnatte exemplaren uit looiputten en het latere walkvat, met handen die net zo gelooid zijn als de huiden, na jaren van rust op de droogzolder. 

Thuisslacht 

Maar goed dat er geen geurenbeelden zijn: de argeloze kijker zou van z'n graatje gaan, weet Henk Reijs (77). Hij is secretaris van de stichting die exact tien jaar geleden het in slechte staat verkerende leerlooiershuisje aan de gracht ombouwde tot educatief museum. ,,We waren als bestuur nog niet zo lang geleden een dagje te gast bij een moderne leerlooierij in Lichtenvoorde: ik heb wekenlang die penetrante stank in m'n neus gehad.‘’

Vervallen. Zo was het huisje - van origine looischuur en tevens een van de laatste overblijfselen van de negentiende-eeuwse, industriële bebouwing ‘op de keien’ - waar vanaf 1885 vooral koeienhuiden werden verwerkt tot leer voor schoenen. ,,Nee, een slachterij bestond er niet; de huiden waren afkomstig van de thuisslacht bij boeren. Voor het looien werden ze gezouten, daarna gewassen in de gracht en na het verwijderen van de haren en de vetlaag begon het echte looien. Alle restproducten werden uiteindelijk gebruikt: de haren kwamen in borstels terecht en de vetten verdwenen in lijm, gelatine en crèmes", legt penningmeester Jacques Leverdingen (77) uit. En passant verhaalt hij over de stichting die zich vanaf 2004 inzette om het leerlooiershuisje op te knappen. 

Alles of niks 

,,Vanuit het stadje was er weinig financiële draagkracht; daarom hadden we de heemkundeclub zo hard nodig. Gelukkig zag ook toenmalig wethouder Hendrik Hoeksema de renovatie van dit gemeentemonument helemaal zitten. Zo konden we tegelijkertijd de stadstuin in de oude staat terugbrengen, in de structuur van 1885. Dankzij een kleine veertig vrijwilligers kunnen we de boel draaiende houden. Da's geweldig", neemt de penningsmeester zijn hoed af voor de enthousiastelingen. 

,,Toen we in 2008 het opgeknapte huisje opgeleverd kregen, was het nog lang geen museum", vult Henk Reijs aan. ,,Voor het inrichten konden we een beroep doen op Toon Suermondt. Veel geluk hadden we toen we puur toevallig een advertentie onder ogen kregen in de Graafsche Courant: het leerlooiermuseum in Cuijk ging sluiten en na een paar belletjes met directeur Wim Regouin kregen we te horen dat het 'alles of niks' was bij de overname. Je snapt, dat we op 20 maart 2009 een enórme verhuizing meemaakten om daarna, in overleg met de gemeente, te kijken waar we alle machines het best konden neerzetten.”
Het jarige museum, dat zo'n vijfduizend geregistreerde bezoekers per jaar verwelkomt, doet zichzelf een tweede walkvat cadeau. Gratis af te halen in Rijen. ,,Maar voor het vervoer en de plaatsing bij ons museum moeten we zelf zorgen", stelt Jacques Leverdingen. ,,We bezitten al wel zo'n vat waarin vroeger de huiden gelooid werden, maar dat is een half vat.”