Volledig scherm
De dood van Joke Vermeer. © Familie Vermeer

Ze was acht en werd doodgeschoten: Joke stierf in de Tilburgse IJzerstraat

Joke Vermeer kwam precies driekwart eeuw geleden, op 30 juni 1944, in een vuurgevecht op de Tilburgse IJzerstraat terecht. Ze werd geraakt door een ‘verdwaalde’ Duitse kogel.

Quote

Het was ijzig stil thuis

Lien van Son-Vermeer, zus van Joke

‘Het was ijzig stil thuis”, herinnert Lien van Son-Vermeer zich. De dood van haar zusje Joke Vermeer bracht veel teweeg in de zomer van 1944. Ze herinnert zich nog hoe haar zusje lag opgebaard tussen de witte lelies. Aan de geur van lelies heeft ze nog steeds een hekel. Omdat ze het beeld weer oproepen.

Het is een zomerse vrijdag in de oorlog. Op station Tilburg komen twee verzetsmensen uit Bergen op Zoom aan. De twee zijn knokploegleden met meerdere acties op hun naam, onder meer een overval in Den Bosch. Op weg naar het postkantoor aan de Telegraafstraat trekken ze de aandacht - waarom is niet duidelijk - van twee mannen van de Sicherheitspolizei, de Duitse politieke recherche.

Bakkerij

Ongemerkt schaduwen de ‘Sipo-mannen’ de verzetsmensen. Ondertussen staat Noud Vermeer bij de achteruitgang van zijn bakkerij aan de Willem II-straat. Hij is de derde generatie Vermeer die aan het roer staat van de bekende bakkerij, bij de oprichting in 1872 was het de derde bakkerij van de stad. Bij de achterpoort aan de IJzerstraat zwaait hij zijn dochter Joke uit. Ze vertrekt naar school, haar tweelingbroertje is er op dat moment niet bij.

In het postkantoor iets verderop slaat de Sicherheitspolizei toe. Ze willen de knokploegleden arresteren, maar daarbij wordt één van de Sipo-mannen met een klap tegen de grond geslagen. De verzetslieden vluchten de straat op, buiten wordt er geschoten. Een knokploeglid wordt in zijn buik geraakt, een andere kogel raakt Joke die net op dat moment voorbij komt. Ze is vermoedelijk op slag dood.

Quote

Een knokploeg­lid wordt in zijn buik geraakt, een andere kogel raakt Joke die net op dat moment voorbij komt.

Verdwaalde kogel

Volledig scherm
De foto van het vroeg overleden meisje we boven de schouw © Vermeer

Zo moet het ongeveer gegaan zijn. Het deel over de verzetsmensen komt uit de archieven. Over het laatste samenzijn van Joke en Noud vertellen de nabestaanden. Twee van haar zussen zijn nog in leven. Voor dit verhaal komen we ze op het spoor via Arno Vermeer. Zijn vader Jan was de broer van Joke.

Arno kent het verhaal via zijn vader. ,,Een verdwaalde Duitse kogel. In die tijd was er nog niet de bebouwing die je nu in de IJzerstraat hebt. De bakkerij had daar een achteruitgang.” Thuis kwam het verhaal over haar dood wel eens voorbij, maar niet uitvoerig, vertelt Arno. Een foto van Joke hing boven de schouw bij zijn grootouders.

Vader Jan overleed zes jaar geleden, maar de directe lijn met het verleden is daarmee niet opgedroogd. Als Arno aan de familieboom rammelt, valt er een flink aantal verhalen uit. Het verhaal van Joke’s zus Lien van Son-Vermeer over de geur van lelies. Maar ook Emmy Bergman-Vermeer, eveneens een zus van Joke, is nog in leven.

Ze herinnert zich nog hoe ze om 12.00 uur uit de klas wordt gehaald. ,,Op de slaapkamer van pa en ma lag Joke met een groot kogelgat tussen de ogen.” Het erge: vader en moeder vonden hun dochter zelf op straat.

Verzegelde kamer

Het lijkje wordt door de Duitsers gevorderd, naar het ziekenhuis gebracht en komt in een verzegelde kamer te liggen, vertelt Emmy. ,,Die kamer werd ‘s nachts door het verzet opengebroken. Ze brachten Joke terug naar de Willem II-straat. Daar werd ze opgebaard. De Duitse Ortskommandant (vervanger van de burgemeester - red.) kwam persoonlijk afscheid nemen. Het was toen ijzig stil thuis, dat herinner ik me nog goed.”

Via de familie wordt ook nog Suze Rondema opgespoord. Haar ouders hadden een zaak in de Heuvelstraat, ze werd die dag door haar vader naar het postkantoor gestuurd. Daar stopt een soldaat haar, maar ze loopt toch door. Ze ziet Joke met ‘heel veel bloed’ op de straat liggen. Een vreselijke ervaring die haar altijd is bijgebleven. Later mag ze nog een krans voor Joke dragen.

Volledig scherm
Beelden van de begrafenis van Joke Vermeer © Familie Vermeer

Naar de Engeltjes

De stad liep uit voor de begrafenis van de achtjarige. ‘Een droevig ongeval’, wordt het genoemd, want het is oorlog. ‘Ze had wellicht voor dien dag d’r plannetjes al gemaakt, levenslustig als ze was’, staat er in haar bidprentje. ‘Dit en dat aan vader en moeder vertellen; dan fijn met haar tweelingbroertje spelen, maar Jesus wilde ‘t anders.’

De droefenis spreekt er uit: ‘Moest Jesus zóó hun Joke naar de Engeltjes halen!!’

Honderden Tilburgers overleefden de Tweede Wereldoorlog niet. Het Brabants Dagblad brengt verspreid over de zomer en het najaar een serie over de laatste maanden van die oorlog in Tilburg en omgeving. Juist de aanloop naar de bevrijding in oktober ‘44 was turbulent. Gekoppeld aan de data van 75 jaar geleden halen we aansprekende gebeurtenissen in die roerige tijd terug.

Volledig scherm
De dood van Joke Vermeer. © Familie Vermeer

In samenwerking met indebuurt Tilburg

Tilburg e.o.