Volledig scherm
De Ploegers wonnen het Songfestival met 'Vette Kop. © Marcel Donks

‘Ik heb 'ne vette kop’ beste Maoneblusserslied allertijden

WASPIK - ,,Ik heb 'ne vette kop, 'ne vette kop mee haor d'r op”; de regel werd zaterdagavond massaal meegezongen tijdens de Beste van editie van het Waspik Songfestival in Den Bolder. De Ploegers wonnen met overmacht het liedjesfestival, dat in het teken stond van nostalgie.

Carnavalsvierend Waspik ging zaterdagavond terug in de tijd. Om het Songfestival nieuw leven in te blazen, werden carnavalsgroepen die al jaren niet meer actief zijn uitgedaagd nog één keer bij elkaar te komen om hun beste Songfestival-lied uit 27 jaar te vertolken. 

Die uitdaging gingen dertig acts aan, waarmee van acht tot twaalf aan één stuk door liedjes uit het rijke Songfestival-verleden live op het podium werden vertolkt.

Volledig scherm
De presentatoren van voorheen, met van links naar rechts Corne Smits, Nico Schellekens, Jan Fitters en Wanda de Groot. © Marcel Donks

Volop aandacht voor gouwe ouwe

Waar het in de zaal tijdens voorgaande festivals nog wel eens onrustig kon zijn en toeschouwers moeite hadden de aandacht er bij te houden, was dat nu geen enkel probleem. Nummers als 'Rollaoter-rais', 'Lede gai oei haande' en 'Wai gaon kamperen' werden luidkeels meegezongen, ook door het jongere publiek. Volop feest was het op het podium bij het Zomerkamp dat voor de gelegenheid de kraker 'De gevulde pul' uit het stof had gehaald. '

Niet alleen qua deelnemers, ook wat betreft de presentatoren was het een 'trip down memory lane'. Met Jan Fitters en Wanda de Groot leken vroegere tijden weer erg recent. 

Beste allertijden

De vakjury en alle aanwezigen bepaalden middels stemming gezamenlijk wie de winnaar moest worden van het 28e Songfestival. Daarbij was er een derde plaats voor het Zomerkamp, net achter 't Slaot Nergens op dat tweede werd. Zowel de vakjury als het publiek verkoos 'Vette Kop' van De Ploegers als beste Maoneblusserslied aller tijden. 

Volledig scherm
De jury telt de stemformulieren. © Marcel Donks