Volledig scherm
© thinkstock

Slechte slapers kunnen gênante ervaringen letterlijk geen plek geven

InterviewVan gênante momenten hebben we een dag later vaak al geen last meer. Tenzij je een slechte slaper bent, blijkt uit onderzoek van het Nederlands Herseninstituut. Slaaponderzoeker Eus van Someren legt uit hoe herinneringen van dertig jaar geleden nog kunnen aanvoelen als de dag van gisteren.

Laten we bij uzelf beginnen. Wat is uw meest schaamtevolle herinnering?

,,De meest schaamtevolle... Poeh. Ik zag laatst een bekende op een congres en flapte eruit ‘Heee Manuel’. Direct daarna besefte ik dat hij een ander was. Ik kon wel door de grond zakken.”

Dat is wel een heel milde biecht...

,,Wanneer je mensen deze vraag stelt, zullen zij, net als ik, hun minst schaamtevolle herinnering vertellen. Echt gênante herinneringen deel je niet zo gemakkelijk. Dat was gelijk ook de grote uitdaging van ons onderzoek. We hebben de deelnemers (27 slechte slapers, 30 goede slapers, red.) gevraagd om tijdens een hersenscan in een MRI enkel te denken aan het moment waar zij zich het allermeeste voor schamen.

,,We vroegen hen deze herinnering te omschrijven in drie vrij algemene woorden waar ze een paar weken later mee werden geconfronteerd. Het aardige was: bij goede slapers lichtte het emotionele circuit in het brein niet meer op. Dat is een gebied dat normaal gesproken oplicht als je ergens van schrikt, angstig bent of je je ergens vreselijk voor schaamt. Bij de goede slapers lichtte een plekje voorin de hersenen op. Ze hadden hun herinnering dus letterlijk een plekje gekregen, net als het spreekwoord.”

Quote

Het schaamte­vol­le moment had soms dertig jaar geleden plaatsge­von­den, maar het brein registreer­de dit alsof het nét gebeurd was

Eus van Someren, slaaponderzoeker

En bij de slechte slapers?

,,Bij deze deelnemers had het schaamtevolle moment soms dertig jaar geleden plaatsgevonden, maar het brein registreerde dit alsof het nét gebeurd was. Ofwel: slechte slapers kunnen emoties niet goed van zich afschudden, waardoor het verleden hen blijft achtervolgen.”

Wat schieten we met dit onderzoek op?

,,Best veel. We zijn al heel lang op zoek naar de reden voor slapeloosheid. We hebben dat altijd gezocht in delen in het brein die de slaap regelen, zoals de biologische klok. Maar daar vonden we niets.. Deze studieresultaten suggereren dat slapeloosheid een stoornis is in het verwerken en opruimen van spanning.

,,We wisten al dat slechte slapers een groter risico lopen om een depressie of angststoornis te ontwikkelen, maar we begrijpen nu beter hoe dat werkt. Stel je eens voor dat je alle spanning van een dag – van de caissière die lullig tegen je deed tot aan de hondendrol die je niet kon vermijden – met je meedraagt. Niet alleen vandaag, maar ook de volgende dag, week en het jaar daarop. Dan word je een vat vol spanning en somberte.”

Wanneer ben je eigenlijk een slechte slaper?

,,Er is een groot verschil tussen iemand die te weinig tijd voor slaap neemt (minder dan 6-7 uur per nacht) of iemand die ’s nachts telkens wakker wordt. Die laatste groep slechte slapers heeft vaak wel wat uren slaap gehad, maar dat ervaren ze niet zo. Ze worden beroerd wakker, alsof ze geen oog hebben dicht gedaan.”

Hoe nu verder?

,,Via slaapregister.nl/stemming zoeken we vrijwilligers met wie we een vervolgstudie willen opzetten. De vraag is: hoe kunnen we de overgang van slapeloosheid naar een depressie voorkomen?”

Bent u eigenlijk een goede slaper?

,,Dat wisselt. Ik kan periodes hebben dat ik heel belabberd slaap. Misschien is dat maar goed. Ik weet waar de deelnemers van mijn onderzoek het over hebben. Zij hoeven mij niet uit te leggen dat slecht slapen heel vervelend kan zijn.” 

  1. Giechelen en vreugdesprongetjes: ratten zijn volgens onderzoek dol op verstoppertje spelen

    Giechelen en vreugde­spron­ge­tjes: ratten zijn volgens onderzoek dol op verstopper­tje spelen

    Met ratten kun je goed verstoppertje spelen. De knaagdieren zijn experts in het vinden van creatieve schuilplekjes én hebben er zichtbaar plezier in. Dat suggereert althans een Duits onderzoek. Het bewijs? Ze maken vrolijke vreugdesprongetjes en giechelen piepend tijdens een potje verstoppertje. De wetenschappers registreerden het gedrag van de diertjes en publiceerden de bevindingen in het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift Science.