Waarom word je zo zeiknat van miezer?

VideoWekelijks geeft Het LAB, het zusje van de Universiteit van Nederland, antwoord op een wetenschappelijke vraag. Deze keer: waarom word je zo zeiknat van miezer? 

Je kijkt naar buiten en het regent amper. Maar na een paar minuten op de fiets heb je er spijt van dat je toch geen regenbroek hebt aangetrokken. Dát is miezer. Maar waarom word je daar nou zo nat van, het regent toch bijna niet? Vloeistoffysicus en druppelexpert Dr. Hanneke Gelderblom heeft het antwoord. Zij houdt van miezer; niet om er doorheen te fietsen, maar om er onderzoek naar te doen.

De druppels die we miezer noemen zijn 0,5 millimeter in doorsnee (de druppels die bij een hoosbui vallen, kunnen tot wel 6,0 millimeter zijn). Juist omdat ze zo klein zijn, hebben ze twee bijzondere eigenschappen: een lage val-energie, want miezer valt uit laaghangende bewolking, én een hoge oppervlaktespanning, waardoor de druppel bij elkaar blijft. Klinkt ingewikkeld? Stel je voor: je schenkt een borrelglaasje zo rustig vol, dat er een kop op het glaasje komt te staan, zonder dat het overstroomt.

Hier zit het verschil met een flinke hoosbui: die druppels spatten door een hoge val-energie en een lage oppervlaktespanning gelijk uit elkaar. Hierdoor blijft er minder water per druppel op je huid liggen dan bij miezer. Grote of kleine druppels, uiteindelijk word je natuurlijk van allebei nat en kan je het beste de komende tijd gewoon die regenbroek bij je hebben. 

Volledig scherm
© Het Lab